Naar hoofdinhoud
Na ondertekening door de beoordelaar en de medewerker wordt de beoordeling ter bekrachtiging naar het bevoegd gezag gezonden. De ondertekende beoordeling met de eventuele zienswijze van de medewerker wordt door het bevoegd gezag bekrachtigd. Het bevoegd gezag weegt in haar overweging tot bekrachtiging de zienswijze van de beoordeelde mee. Indien nodig wordt de beoordeling gewijzigd of aangepast. Het feit dat beoordelaar en medewerker geen overeenstemming hebben kunnen bereiken in het beoordelingsgesprek over de inhoud, samenvatting en/of conclusie staat de bekrachtiging niet in de weg. De medewerker krijgt een afschrift van de bekrachtigde beoordeling. Binnen zes weken na ontvangst van de bekrachtigde beoordeling kan de beoordeelde medewerker daartegen bezwaar maken bij het bevoegd gezag. Het betreft een bezwaar als bedoeld in artikel 1:5 lid 1 van de Algemene Wet Bestuursrecht. Het bevoegd gezag handelt dit bezwaar af conform de bepalingen in de hoofdstukken 6 en 7 van de Algemene Wet Bestuursrecht. Wanneer de medewerker zich niet kan vinden in de beslissing op het bezwaar, staat hiertegen conform de bepalingen in artikel 8 van de Algemene Wet Bestuursrecht binnen zes weken beroep open bij de arrondissementsrechtbank te ´s-Gravenhage, sector Bestuursrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel