Bij de beslissing om aanvragen om een subsidie op te nemen in een jaarprogramma houdt het college in ieder geval rekening met:

a.. de monumentale waarde van het pand;

b.. de bouwtechnische staat van het pand;

c.. de prioriteit die het uitvoeren van de werkzaamheden waarvoor een subsidie wordt gevraagd, heeft in het kader van de stedelijke vernieuwing;

d.. het huidige en toekomstige gebruik van het pand;

e.. de mate waarin op andere wijze in subsidie kan worden voorzien; een gemeentelijk monument heeft hogere prioriteit dan een rijksmonument;

f.. het beschikbare jaarbudget.