Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Op het individu toegesneden voorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Almelo

De op het individu toegesneden voorzieningen op grond van de Jeugdwet bestaan, uit voorzieningen die gericht zijn op: het bevorderen van het zelfstandig functioneren en het kunnen deelnemen aan het maatschappelijk verkeer, het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten op het gebied van persoonlijke verzorging gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid, en het ondersteunen van en hulp en zorg aan jeugdigen en hun ouders bij het verminderen, stabiliseren, behandelen en opheffen van of omgaan met de gevolgen van problemen, stoornissen en beperkingen van de jeugdige of opvoedingsproblemen van ouders. 2.1.3.1Voorzieningen: vrijwillig en gedwongen kader De op het individu toegesneden voorzieningen in het kader van de Jeugdwet kunnen worden onderscheiden in voorzieningen binnen het vrijwillig en het gedwongen kader. Vrijwillig wil zeggen dat de jeugdige en de ouders het nut en de noodzaak inzien van de ondersteuning en ook meewerken aan het bereiken van het tijdens het onderzoek geformuleerde resultaat. Gedwongen betekent dat ook zonder toestemming van de jeugdige en/of de ouders een voorziening kan worden getroffen. Te denken hierbij valt aan een jeugdbeschermingsmaatregel (als bijvoorbeeld de veiligheid van de jeugdige in het geding is) of jeugdreclassering (als de jeugdige in aanraking is gekomen met justitie). Voorzieningen in het gedwongen kader worden opgelegd na onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming. Het daaropvolgende advies wordt voorgelegd aan de kinderrechter die op basis van dit advies een uitspraak doet. Indien de uitspraak luidt dat er een maatregel in het kader van de jeugdbescherming of jeugdreclassering moet worden opgelegd dan zal de kinderrechter een gecertificeerde instelling aanwijzen die de maatregel uitvoert. De gemeente kan niet besluiten tot het opleggen van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering: de maatregelen en de procedure worden dan ook niet beschreven in de verordening of verder uitgewerkt in de beleidsregels. Voor de maatregelen en de procedure wordt verwezen naar hoofdstuk 3 van de Jeugdwet. 2.1.3.2Voorzieningen vrijwillig kader De gemeente is verantwoordelijk voor de toegang tot de voorzieningen binnen het vrijwillig kader. Voor deze voorzieningen in het kader van de Jeugdwet gelden dezelfde algemene uitgangspunten als voor de voorzieningen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (zie algemene uitgangspunten onder hoofdstuk 2). Hieronder wordt een niet limitatieve opsomming gegeven van voorzieningen die op basis van de Jeugdwet verstrekt kunnen worden en het resultaat dat met het verstrekken van de voorziening wordt beoogd. Beleidsregel 2.1-3: De volgende op het individu toegesneden voorzieningen kunnen bij wijze van voorbeeld worden verstrekt: Voorziening Doel Beoogde resultaat Ondersteuning zelfstandig leven (oude Awbz-functie begeleiding individueel) Bevorderen van het zelfstandig functioneren door ondersteuning te bieden bij praktische vaardigheden (zoals boodschappen doen en koken, plannen huiswerk maken, omgaan met geld) en sociale vaardigheden, maar ook het ondersteunen van de omgeving om met de beperkingen van de jeugdige om te gaan Jeugdige is onder andere in staat op kortere dan wel langere termijn om: -gezond te leven (voeding en beweging) -zichzelf te verzorgen -de financiële situatie gezond te houden -taken in en om het huis uit te voeren -opleiding af te ronden -thuis te blijven wonen Ouder/verzorger is in staat om met de beperkingen van de jeugdige om te gaan waardoor deze langer thuis kan blijven wonen. Ondersteuning maatschappelijke deelname (oude Awbz-functie begeleiding groep) Bevorderen of in stand houden van de mogelijkheid om te kunnen deelnemen aan de maatschappij door ondersteuning te bieden bij zinvolle invulling van de dag en het aangaan van sociale contacten of om mantelzorgers te ontlasten. Jeugdige wordt in staat gesteld om: -mensen te ontmoeten -deel te nemen aan activiteiten ter ontspanning (recreatief) -deel te nemen aan activiteiten die de zelfredzaamheid kunnen vergroten -deel te nemen aan activiteiten gericht op het verkrijgen van (on)betaalde arbeid Ouder/verzorger wordt ontlast waardoor de jeugdige langer thuis kan blijven wonen. Behandeling (oude Awbz-functie behandeling) Alleen jeugdigen met een (licht) verstandelijke beperking komen in aanmerking voor de voorziening behandeling in het kader van de Jeugdwet. Doel is het aanleren van nieuwe vaardigheden of gedrag. Jeugdige met een (licht) verstandelijke beperking leert nieuwe vaardigheden of gedrag aan waardoor de zelfredzaamheid wordt vergroot en de maatschappelijke deelname wordt bevorderd. Voorziening Doel Beoogde resultaat Persoonlijke verzorging (oude Awbz-functie persoonlijke verzorging) Bevorderen of in stand houden van de zelfredzaamheid door het bieden van persoonlijke zorg op het gebied van de dagelijkse levensverrichtingen (opstaan, douchen, toiletgang, aankleden). Wanneer meer sprake is van ‘aansturen’ dan van ‘overnemen’ is de functie “ondersteunende begeleiding” aan de orde De zelfredzaamheid van de jeugdige wordt door deze vorm van ondersteuning mogelijk in stand gehouden. De ouder/verzorger wordt ontlast waardoor de jeugdige langer thuis kan blijven wonen. Ondersteuning mantelzorg door kortdurend verblijf (oude Awbz-functie kortdurende verblijf) Bieden ondersteuning aan ouder/verzorger door tijdelijk verblijf (inclusief dagbesteding) buitenshuis, van de jeugdige die van zorg afhankelijk is, mogelijk te maken. De ouder/verzorger wordt ontlast waardoor de jeugdige langer thuis kan blijven wonen. Jeugd-GGZ Basis Generalistische GGZ (BGGGZ) Jeugdigen met lichte tot matige, niet-complexe psychische problemen of jeugdigen met stabiele chronische problematiek worden behandeld. De zorgvraagzwaarte bepaalt welke zorg iemand krijgt (door middel van intake bij de GGZ-aanbieder). Daarbij is ruimte voor verschillende behandelcomponenten zoals diagnostiek, eHealth en consultatie van een specialist. Jeugdige is in staat om te gaan met: -de problematiek en deze te hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie). Jeugd-GGZ Specialistische GGZ (SGGZ) De Specialistische GGZ behandelt jeugdigen met ernstige, complexe of vaker terugkerende klachten (eventueel in klinische setting). Jeugdige kan omgaan met: -de problematiek en deze hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie). Gespecialiseerde Jeugdhulp Opgroei- en opvoedingsproblemen worden hanteerbaar gemaakt voor jeugdigen en hun ouders/opvoeders. Het kan hier gaan om ambulante zorg, semi-residentiële en/of residentiële zorg. Ouders zijn in staat om: -regie te voeren (zelf de opvoeding vormgeven, problemen signaleren, hulp vragen wanneer nodig) over hun eigen leven en opvoedsituatie. Jeugdige kan omgaan met: -de problematiek en deze hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie) Pleegzorg (vrijwillig) Als er problemen met kinderen zijn in een gezin, wordt altijd eerst gekeken of deze thuis opgelost kunnen worden. Kan dat niet, dan is pleegzorg de eerste keus. Het is de opvangvorm die het dichtst bij de natuurlijke gezinssituatie blijft. Het doel van pleegzorg is dat de ouders zelf de opvoeding weer op zich nemen. Als blijkt dat dit onmogelijk is, nemen pleegouders de opvoeding van het kind voor langere tijd op zich. Hierbij worden pleegouders ondersteund. De relatie met de eigen ouders blijft voor kinderen altijd van belang. -Het contact tussen ouders en kind blijft intact/wordt hersteld. -Ouders zijn in staat regie te voeren (zelf de opvoeding vormgeven, problemen signaleren, hulp vragen wanneer nodig) over hun eigen leven en opvoedsituatie. -Jeugdige kan omgaan met de problematiek en deze te hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie). 2.1.3.3 Voorzieningen gedwongen kader Kenmerkend voor deze voorzieningen is dat de toegang niet bepaald wordt door de gemeente. De procedure die gevolgd moet worden om tot het treffen van deze voorziening te komen, is uitgebreid in de Jeugdwet beschreven. Hier wordt dan ook volstaan met het beschrijven van de voorziening. Na een advies van de Raad voor de Kinderbescherming kan de (kinder)rechter onderstaande voorzieningen treffen: Voorziening Doel Beoogde resultaat Jeugdreclassering De jeugdreclassering heeft als doel dat de jongere niet opnieuw met politie of justitie in aanraking komt. -Jeugdige komt niet opnieuw met politie of justitie in aanraking. -Jeugdige leert om te gaan met de problematiek en deze te hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie). Jeugdbescherming Kinderen en jongeren beschermen tegen invloeden die voor hun zo negatief uitwerken dat hun ontwikkeling in gevaar komt. -Ouders zijn in staat regie te voeren (zelf de opvoeding vormgeven, problemen signaleren, hulp vragen wanneer nodig) over hun eigen leven en opvoedsituatie. -Jeugdige kan omgaan met de problematiek en deze hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie). JeugdzorgPlus Doel van JeugdzorgPlus is jongeren met zeer ernstige gedragsproblemen succesvol te laten terugkeren in de samenleving. Het gaat om jongeren die door de rechter 'onder toezicht' zijn gesteld. -Jeugdige kan omgaan met de problematiek en deze hanteren binnen de eigen leefomgeving (stabilisatie). Het is overigens niet zo dat de gemeente bij bovenstaande voorzieningen helemaal buitenspel staat. Immers als door bijvoorbeeld het sociale wijkteam wordt geconstateerd dat een voorziening zoals hierboven genoemd aan de orde zou moeten zijn, kan het college een verzoek doen aan de Raad voor de Kinderbescherming om de situatie te onderzoeken. In sommige situaties waarbij een verzoek moet worden gedaan ter verkrijging van een machtiging (waaronder ook een voorwaardelijke of een spoedmachtiging) voor gesloten jeugdhulp, moet het college rechtstreeks het verzoek indienen bij de kinderrechter (zie hoofdstuk 6 van de Jeugdwet). De afspraken met de Raad voor de Kinderbescherming zijn vormgegeven in een protocol. Wanneer de Raad na onderzoek besluit om geen maatregel te vragen, deelt de Raad voor de Kinderbescherming dit schriftelijk mee aan de verzoeker en het Stedelijk Jeugdoverleg. Desgewenst zal de Raad de uitkomst van zijn onderzoek aan deze verzoeker toelichten. Via de procesmanager kan de casus voorgelegd worden aan de burgemeester. De burgemeester heeft de mogelijkheid om de zaak via de Raad voor te leggen aan de kinderrechter voor een oordeel over de noodzaak van een kinderbeschermingsmaatregel. Dit dient binnen twee weken te gebeuren. 2.1.4Algemene voorzieningen 3Het college regelt in de beleidsregels welke op het individu toegesneden voorzieningen op basis van het eerste en tweede lid en welke algemene voorzieningen op grond van de Jeugdwet beschikbaar zijn. Op de vorige bladzijden is uitgebreid ingegaan op de op het individu toegesneden voorzieningen (Jeugdwet en Wmo 2015), maar ook beschermd wonen en opvang. Naast deze voorzieningen kent de gemeente Almelo algemene voorzieningen die op een adequate wijze in de ondersteuningsbehoefte kunnen voorzien. Het kenmerk van deze algemene voorzieningen is dat deze (vrijwel) vrij toegankelijk zijn. Voor de toegang tot deze voorzieningen is geen besluit van de gemeente vereist. De uitvoeringskosten, voor zo ver het de toeleiding naar en de toegang tot deze algemene voorzieningen betreft, zijn dan ook zeer laag. De algemene voorzieningen zullen op termijn dan ook worden uitgebouwd. Hieronder wordt een niet uitputtend overzicht van algemene voorzieningen gegeven. Overzicht algemene voorzieningen Jeugd Kinder-, tiener- en jongerenwerk (Scoop) Opvoedondersteuning (Loes-loket, functie gaat op in sociale wijkteams) Schoolmaatschappelijk werk (functie gaat op in sociale wijkteams) Jeugd en volwassenen Onafhankelijke cliëntondersteuning (Almelo Sociaal) Dagactiviteiten (licht) verstandelijk gehandicapten (De Klup) Activiteiten georganiseerd in wijkcentra Mantelzorgondersteuning Volwassenen en ouderen Licht ambulante hulp (Scoop en maatschappelijk werk) Dagactiviteiten ouderen (Scoop) Thuisadministratie (Scoop) Vervoers- en oppasdienst (Steunpunt Mantelzorg Almelo) Vrijwillige ouderenadviseur (Cosbo) 2.2Criteria verstrekking op het individu toegesneden voorziening Algemeen Het uitgebreid tot in de detail beschrijven van de criteria om voor een op het individu toegesneden voorziening in aanmerking te komen, verhoudt zich niet goed tot het uitgangspunt om meer ruimte te creëren voor de professional om, in samenspraak met degene die ondersteuning behoeft, te zoeken naar een adequate oplossing. Volstaan wordt met het beschrijven van de doelgroepen die op grond van de Jeugdwet en de Wmo 2015 mogelijk in aanmerking kunnen komen voor een op het individu toegesneden voorziening en een aantal basis- en aanvullende criteria. Daarnaast worden de uitsluitingsgronden nader toegelicht. 2.2.1 Doelgroepen

Rechtspraak bij dit artikel