Het functioneren van de medewerker wordt vastgesteld in het
evaluatiegesprek (of vaker). Indien de bevindingen in de
gesprekscyclus personeelsgesprekken hiertoe aanleiding geven
en/of er rechtspositionele besluiten genomen moeten worden,
dan wordt een beoordeling opgemaakt.
De duur van de beoordelingsperiode is in principe één
jaar.
De eerste beoordelaar kan in overleg met de medewerker de
beoordelingsperiode op een andere termijn stellen dan één
jaar. Die termijn is nooit korter dan zes maanden en nooit
langer dan anderhalf jaar.
De beoordeling vindt plaats op basis van het functioneren in
relatie tot de functievereisten en de van toepassing zijnde
competenties, naast de resultaten van afgesproken
doelen.