De duur van de verlaging, zoals omschreven in deze verordening, wordt
verdubbeld indien de jongere binnen twaalf maanden na bekendmaking van
een besluit waarbij een verlaging is opgelegd, zich opnieuw schuldig
maakt aan dezelfde verwijtbare gedraging. Met een besluit waarmee een
verlaging is opgelegd wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te
zien op grond van dringende redenen, zoals bedoeld in artikel 8 lid 3
van deze verordening.
Hoofdstuk 1.
Artikel 6
Recidive
Onderdeel van nr 12.16 Afstemmingsverordening Wet investeren in jongeren