Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.4

Vaststelling hersteltermijnen

Onderdeel van Handhavingsbeleid Wet Kinderopvang Oldenzaal 2009

De hersteltermijn die de overtreder geboden moet worden om de overtreding te beëindigen is onder meer deels afhankelijk van de prioriteit van de overtreding, eventuele recidive en de mogelijkheden van de exploitant om deze te beëindigen. Ook hier is transparantie, zowel ten behoeve van de exploitant als de inspecteur van belang. Aansluitend bij met name de prioriteitsindeling van 5.2 (en de diverse domeinen) leidt dit tot de volgende bandbreedtes: Prioriteit Hoog : 0 tot maximaal 1 maand; Prioriteit Gemiddeld : 0 tot maximaal 4 maanden; Prioriteit Laag : 0 tot maximaal 12 maanden. Bij en binnen de gekozen bandbreedtes is met uitzondering van een algeheel minimum van 0 niet geopteerd voor een nader geïndiceerd minimum. Ongeacht de gegeven prioriteit kunnen overtredingen soms snel en eenvoudig worden opgelost; een beleidsmatig geformuleerde minimumhersteltermijn (anders dan 0) zou een exploitant een legitimatie kunnen geven voor een minder voortvarende aanpak.

Rechtspraak bij dit artikel