Samenvattend komen wij tot de volgende conclusies:
Bij tegen contante waarde gewaardeerde voorzieningen wordt in principe uitgegaan van de in hoofdstuk 4 geformuleerde lange termijn rentevisie voor het aantrekken van gelden.
Voor verliesvoorzieningen van de grondexploitatie wordt het in de betreffende exploitatieopzet gebruikte rentepercentage grondexploitatie gehanteerd.