Buitengewone verwervingskosten
Buitengewone verwervingskosten zijn kosten die in het individuele
geval
noodzakelijkerwijs moeten worden gemaakt om de betreffende inkomsten te
kunnen verwerven. Het moet gaan om werkelijk gemaakte, aantoonbare
onkosten, zoals reiskosten woon-werkverkeer. Met reiskosten
woon-werkverkeer wordt alleen rekening gehouden indien het afstanden
betreft van meer dan 8 km enkele reis. In dat geval worden alle kosten
vergoed (voor zover daarin niet via een voorliggende voorziening wordt
voorzien, bijvoorbeeld via de werkgever of een
re-integratietraject).
Draagkracht
Voor inkomsten boven het voor de belanghebbende geldende bijstandsniveau
gelden de draagkrachtregels van pag. 4 en 5.
Voorliggende voorzieningen
Als voor buitengewone verwervingskosten bijzondere bijstand wordt
gegeven vindt in het algemeen geen belastingteruggave plaats omdat de
belastingdienst uitgaat van de werkelijk door de belastingplichtige
gedragen kosten. Als er bijzondere bijstand wordt verleend, worden geen
kosten gedragen. Aan de verlening van bijstand wegens buitengewone
verwervingskosten wordt dus niet de voorwaarde tot het vragen van
belastingteruggave of -vermindering (de voorlopige teruggaaf) verbonden.
Reële vergoedingen van de werkgever voor buitengewone verwervingskosten
worden niet tot het inkomen gerekend (art. 31, lid 2 sub f
Participatiewet). Zodra er voor dezelfde kosten bijzondere bijstand
wordt verstrekt, dient de gemeente vanzelfsprekend bij de vaststelling
van hoogte van de bijzondere bijstand rekening te houden met de
ontvangen vergoedingen of tegemoetkomingen. Een reële vergoeding van de
werkgever moet op de loonspecificatie als zodanig vermeld
staan.
Vergoeding reiskosten
De vergoedingen welke kunnen worden toegekend in verband met
noodzakelijke reiskosten woon-werkverkeer, bezoek ziekenhuis, huis van
bewaring, gerechtelijke procedures enz. bedragen:
bij reiskosten op basis van openbaar vervoer, de werkelijke
gemaakte kosten
bij reiskosten met de auto het maximaal belastingvrije
toegestane tarief van de belastingdienst, thans € 0,19 per
kilometer.
Toetsingskader buitengewone verwervingskosten en
reiskosten
Het inkomen en/of uitkering van de aanvrager moet gelijk zijn
aan of lager dan 110% van het geldende sociaal minimum en het
vermogen moet beneden de toepasselijke vermogensgrens
liggen.
Het moet altijd gaan om kosten die noodzakelijkerwijs moeten
worden gemaakt en aantoonbaar gemaakt zijn
Met reiskosten woon-werkverkeer wordt alleen rekening gehouden
als het gaat om een afstand van meer dan 8 km enkele reis.
Bij de vaststelling van de bijstand wordt rekening gehouden met
voorliggende voorzieningen (zoals bijvoorbeeld door werkgever
ontvangen vergoeding of tegemoetkoming).
Reiskosten openbaar vervoer: werkelijk gemaakte kosten
Reiskosten eigen auto: € 0,19 per kilometer
Deel 3
Artikel 3.6
Buitengewone verwervingskosten en reiskosten
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid 2016