Hoofdlijnen Vreemdelingenwet 2000 (Vw):
In deze wet worden in totaal 4 soorten verblijfsvergunningen
onderscheiden:
Verblijfsvergunning asiel
Verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel (art. 28 t/m 32
Vw)
Verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd asiel (art. 33 t/m 35
Vw)
De verblijfsvergunninghouders asiel kunnen aanspraak maken op een
uitkering op grond van de Participatiewet. Zij worden op grond van
artikel 11 lid 2 Participatiewet gelijk gesteld met een Nederlander
(zie ook BRP-codes met verklaring in tekst en toelichting
Eiselin of in het handboek van Stimulansz).
In principe hebben zij ook de arbeidsverplichting. De
verblijfsvergunninghouder voor bepaalde tijd moet een
tewerkstellingsvergunning hebben. Daarnaast moeten asielzoekers die
nieuw in Nederland zijn toegelaten eerst een inburgeringsprogramma
volgen. Wanneer een vreemdeling na een periode van drie jaar nog steeds
bescherming in Nederland nodig heeft, kan de vreemdeling een
verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd krijgen.
Legeskosten:
Voor een vergunning op grond van asiel voor bepaalde tijd zijn geen
legeskosten verschuldigd.
Verblijfsvergunning regulier
Verblijfsvergunning voor bepaalde tijd regulier (art. 14 t/m 19
Vw)
Verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd regulier (art. 20 t/m
22 Vw
Vreemdelingen die op andere grond dan asiel (o.a. in verband met stage,
studie, arbeid, au-pair of gezinshereniging) zijn toegelaten kunnen in
aanmerking komen voor een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd
regulier. Aan deze verblijfsvergunning zijn voorwaarden en beperkingen
verbonden. Een van de voorwaarden is dat de vreemdeling voldoende
middelen van bestaan moet hebben. Bij gebrek aan eigen middelen kunnen
deze vreemdelingen aanspraak maken op bijstand. Dit kan echter wel
gevolgen hebben voor het verblijfsrecht waaronder beëindiging van het
verblijf in Nederland. Het college moet zodra er een beroep wordt gedaan
op publieke middelen hiervan melding doen aan de IND en de vreemdeling
op de hoogte brengen van de mogelijke gevolgen van het beroep op
publieke middelen.
De verblijfsvergunning voor bepaalde tijd regulier kan na vijf jaar
worden omgezet in een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd
regulier.
Legeskosten:
Voor een reguliere verblijfsvergunning moet betaald worden.
Hoofdregel
Voor een vergunning regulier is het uitgangspunt dat geen bijstand
mogelijk is (eigen vrije wil, geen noodzakelijkheid).
Uitzonderingen:
Voor de ex-AMA die niet erkend is als vluchteling maar wel in
Nederland mag verblijven op grond van een reguliere status. De
reden hiervan is dat zij vaak (nog) niet terug kunnen naar het
land van herkomst. Hun verblijf kan daarom ook niet gelijk
gesteld worden met mensen die hier wel vrijwillig
verblijven.
Voor kinderen van ouders met een asielvergunning of van ex-AMA
met een reguliere verblijfsvergunning (zie punt 1).
Voor nieuwkomers die hun vergunning regulier bepaalde tijd
moeten verlengen. De reden hiervan is dat het gaat om voormalige
asielzoekers, die nog een inkomen hebben op bijstandsniveau. Men
kan niet kiezen voor een ander, goedkoper document. De kosten
zijn zodanig dat niet verwacht kan worden dat deze uit het
inkomen op bijstandsniveau worden voldaan.
Hoogte bijzondere bijstand:
De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan het verschil van de
kosten voor een identiteitskaart en de kosten van het verlengen en/of
wijzigen van de
verblijfsvergunning. Voor bedragen wordt verwezen naar de gemeentewinkel
of afdeling burgerzaken.
Voor verdere informatie zie: www.ind.nl
Toetsingskader legeskosten verblijfsvergunning
Voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd zijn geen
legeskosten verschuldigd.
Voor een verblijfsvergunning regulier moet betaald worden. Er
wordt in beginsel geen bijstand verstrekt voor de legeskosten.
Uitzonderingen hierop zijn:
de ex-AMA die niet erkend is als vluchtelingen maar wel
in Nederland mag verblijven op grond van een
verblijfsvergunning regulier,
kinderen van ouders met een verblijfsvergunning
asiel
nieuwkomers die hun vergunning regulier bepaalde tijd
moeten verlengen.
De hoogte van de bijzondere bijstand is gelijk aan het verschil
van de kosten voor een identiteitskaart en de kosten van het
verlengen en/of wijzigen van de verblijfsvergunning.
Deel 3
Artikel 3.7
Legeskosten verblijfsvergunning
Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid 2016