De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders zijn de
bevoegde bestuursorganen als het om handhaving gaat. Bevoegdheden tot
bestuursrechtelijk handhaven vinden hun wettelijke grondslag in de
gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en specifieke
regelgeving, zoals de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en
het daarop gebaseerde Besluit omgevingsrecht (Bor) en de Ministeriële
regeling omgevingsrecht (Mor).
Het college van burgemeester en wethouders wijst ambtenaren aan en
belast hen met de uitvoering van de handhaving. De bevoegdheden van
toezichthoudende ambtenaren vloeien voort uit wetten en verordeningen.
Om handhaving te effectueren beschikt de gemeente over verschillende
juridische instrumenten. Bekende instrumenten zijn: de lasten onder
dwangsom- respectievelijk bestuursdwang, de bestuurlijke
strafbeschikking en het intrekken van de vergunning of het
stopzetten/stilleggen van werkzaamheden door middel van
spoedbestuursdwang.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.5
Bevoegdheid en instrumenten
Onderdeel van Integraal Handhavingsbeleid IJsselstein 2016-2018