In aanvulling op het gestelde in artikel 3:8 van de CAR/UWO geldt ten aanzien van het toekennen van een functioneringstoelage het volgende.
Aan een medewerker kan alleen een functioneringstoelage worden toegekend indien deze meerdere jaren direct aansluitend een beoordeling met een waardering zeer goed en/of uitstekend heeft in de zin van artikel 12 lid 2 van de Procedureregeling OpKoers.
De toekenning van een functioneringstoelage is geen automatisme maar ter beoordeling aan de leidinggevende. De leidinggevende kan ook voor een andere beloning conform de beloningssystematiek zoals bedoeld in artikel 18 van deze regeling kiezen.
Wordt de functioneringstoelage voor het eerst toegekend bedraagt de toelage 5% van het salaris van de medewerker. Een daarop volgende toekenning van de toelage bedraagt 7,5% en een derde toelage bedraagt 10%.
Indien zich er bijzondere omstandigheden voordoen, kan van de trapsgewijze opbouw zoals bedoeld in het vorige lid, gemotiveerd worden afgeweken.
Bij de toekenning van de functioneringstoelage worden afspraken over de duur (maximaal één jaar), de grond, de hoogte en de ingangs- en einddatum van de toelage schriftelijk vastgelegd.
De functioneringstoelage eindigt van rechtswege, indien de schriftelijk vastgelegde gronden waarop de toelage werd toegekend niet meer aanwezig zijn.