Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Deelname

Onderdeel van Regeling generatiepact gemeente Winterswijk

1.. Een medewerker van 60 jaar of ouder, met een vaste ambtelijke aanstelling, kan gebruikmaken van de ‘regeling generatiepact gemeente Winterswijk’. De medewerker kan een verzoek indienen om minimaal 20% tot een maximum van 50% minder te gaan werken van de formele arbeidsduur per week. Over het percentage dat de medewerker minder gaat werken wordt 40% van het salaris doorbetaald en de volledige pensioenopbouw (100%) blijft gehandhaafd. 2.. Indien de medewerker een salaristoelage ontvangt op basis van paragraaf 3 van hoofdstuk 3 CAR-UWO wordt deze naar evenredigheid gekort conform de bepalingen in deze paragraaf. 3.. Aan de medewerker die gebruik maakt van de ‘regeling generatiepact gemeente Winterswijk’ wordt over het percentage dat de medewerker minder gaat werken van de formele arbeidsduur per week buitengewoon verlof toegekend. 4.. De pensioenpremies worden zowel door de werkgever als door de werknemer betaald in de normale verhouding zoals die door het ABP wordt vastgesteld. 5.. De wijzigingen als bedoeld in het eerste lid geschieden met ingang van de eerste dag van een kalendermaand. Een wijziging met terugwerkende kracht is niet mogelijk. 6.. De medewerker dient drie maanden voor de gewenste ingangsdatum het verzoek in bij de leidinggevende om gebruik te mogen maken van de regeling. Van deze termijn kunnen medewerker en leidinggevende in gezamenlijk overleg afwijken. 7.. De medewerker kan gedurende de looptijd van deze regeling twee keer een verzoek indienen om minder te gaan werken. Per aanvraag geldt een minimum van 20% van de formele arbeidsduur. 8.. Een verzoek om gebruik te mogen maken van deze regeling wordt gehonoreerd, tenzij zwaarwegende bedrijfs- of dienstbelangen zich daartegen verzetten. Van zo’n belang is in ieder geval sprake indien toekenning van de aanvraag leidt tot ernstige problemen: voor de bedrijfsvoering bij herbezetting van de vrijgekomen uren (onoverkomelijke capaciteitsproblemen); op het gebied van veiligheid; van roostertechnische aard. 9.. Beëindiging van deelname aan deze regeling op verzoek van de medewerker is niet mogelijk.

Rechtspraak bij dit artikel