Het grondgebied van de gemeente Terneuzen is (op basis van statistische bewerkingen en interpretatie van het ruimtelijke patroon van waarnemingen) ingedeeld in de volgende zones:
Zone
Kwaliteitsklasse
Kwaliteitsklasse
Bovengrond (0-0,5 m-mv)
Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)
A: Buitengebied en naoorlogse
Achtergrondwaarde
Achtergrondwaarde
woonwijken
B1: Woonwijken
Wonen
Achtergrondwaarde
B2: Woonwijken
Wonen
Wonen
C2: Woonwijken (Sasse Poort)
Industrie
Wonen
C3: Woonwijken (oude centra)
Industrie
Industrie
D: Bedrijfsterreinen
Achtergrondwaarde
Achtergrondwaarde
E1: Bedrijfsterreinen
Wonen
Achtergrondwaarde
G3: Bedrijfsterreinen
Voldoet niet aan klasse industrie
Industrie
G4: Landtong en Kanaaleiland
Voldoet niet aan klasse industrie
Voldoet niet aan klasse industrie
Sluiskil
K: Kanaalhavens, Broomchemie
Verdacht vanwege hoge EOX
Verdacht vanwege hoge EOX
en omgeving
Overige parameters uit NEN5740:
Overige parameters uit NEN5740:
Achtergrondwaarde
Achtergrondwaarde
Voor ruim 3% van het gemeentelijk oppervlak is geen gemiddelde kwaliteitsklasse vastgesteld. Dit betreft met name enkele grote provinciale inrichtingen (Dow Benelux, Heros, Yara), kleine bedrijfsterreinen met (vrijwel) geen gegevens en stortplaatsen.
De bodemkwaliteitskaart met de begrenzing van deze zones is opgenomen in bijlage 15A t/m 15E.
Op basis van de beschikbare analyseresultaten is voor deze zones een aantal statistische kengetallen berekend (diverse percentielwaarden, gemiddelde, lognormaal gemiddelde). De resultaten hiervan zijn opgenomen in bijlage 7 t/m 13. De kengetallen zijn apart berekend voor de bovengrond (0-0,5 m-mv) en voor de ondergrond (0,5-2,0 m-mv). Voor het berekenen van het gemiddelde en het lognormaal gemiddelde zijn meetwaarden lager dan de detectiegrens vervangen door 0,7 x detectiegrens.
De achtergrondwaarden en de maximale waarden voor wonen en industrie zijn voor veel stoffen afhankelijk van het bodemtype (percentages lutum en organische stof). Om de getallen gemakkelijk met elkaar te kunnen vergelijken, zijn alle statistische kentallen omgerekend naar standaardbodem (lutum=25%, humus=10%). Vermenigvuldiging van het kental met de waarde uit de kolom bodemtypecorrectie geeft het oorspronkelijke kengetal.
De Richtlijn bodemkwaliteitskaarten schrijft voor, dat tevens de betrouwbaarheidsintervallen van het gemiddelde worden vermeld. Ter voldoening hieraan zijn deze betrouwbaarheidsintervallen voor de definitieve zones opgenomen in bijlage 14.
Oppervlakte en aantal representatieve waarnemingen per zone:
Zone
Oppervlakte
Bovengrond (0-0,5 m-mv)
Ondergrond (0,5-2,0 m-mv)
Aantal
Per km2
Aantal
Per km2
A
Buitengebied en naoorlogse
woonwijken, kwaliteitsklasse AW
232,79 km2
1637
7,0 / km2
742
3,2 / km2
B1
Woonwijken, kwaliteitsklasse Wonen
Ondergrond: Achtergrondwaarde
3,80 km2
385
101,2 / km2
223
58,6 / km2
B2
Woonwijken, kwaliteitsklasse Wonen
Ondergrond: kwaliteitsklasse Wonen
1,52 km2
222
146,5 / km2
208
137,3 / km2
C2
Woonwijken (Sasse Poort),
kwaliteitsklasse Industrie
Ondergrond: kwaliteitsklasse Wonen
0,10 km2
21
213,1 / km2
32
324,7 / km2
C3
Woonwijken (oude centra)
kwaliteitsklasse Industrie
0,87 km2
200
229,8 / km2
205
235,6 / km2
D
Bedrijfsterreinen, kwaliteitsklasse AW
6,68 km2
498
74,6 / km2
280
41,9 / km2
E1
Bedrijfsterreinen, kwaliteitsklasse
Wonen
Ondergrond: Achtergrondwaarde
0,12 km2
41
350,9 / km2
27
231,1 / km2
G3
Bedrijfsterreinen, voldoet niet aan kwaliteitsklasse Industrie
Ondergrond: kwaliteitsklasse industrie
0,33 km2
149
452,7 / km2
135
410,2 / km2
G4
Bedrijfsterreinen, voldoet niet aan
kwaliteitsklasse Industrie
0,34 km2
144
427,4 / km2
145
430,4 / km2
K
Kanaalhavens, Broomchemie en
omgeving, kwaliteitsklasse AW
afgezien van hoge EOX
0,31 km2
34
110,0 / km2
39
126,1 / km2
Overige gebieden, geen kwaliteit
vastgesteld
7,71 km2
Het aantal waarnemingen verschilt per parameter. In bovenstaande tabel is uitgegaan van het aantal waarnemingen voor PAK. In het algemeen zijn voor de metalen met name in de ondergrond meer gegevens beschikbaar dan voor PAK.
Ondergrond dieper dan 2 m-mv
In alle zones in Zeeuwsch-Vlaanderen is de kwaliteit van de ondergrond tussen 0,5 en 2,0 m-mv vergelijkbaar of beter dan in de bovengrond (0-0,5 m-mv). Voorzover voldoende gegevens beschikbaar zijn is de ondergrond steeds ingedeeld in dezelfde danwel een schonere kwaliteitsklasse dan de bovengrond.
Voor de ondergrond dieper dan 2 m-mv zijn weinig meetgegevens beschikbaar. Voor de berekeningen van de diepere ondergrond zijn de zones A met buitengebied en recente woonwijken uit de drie Zeeuws-Vlaamse gemeentes samengevoegd. In bijlage 7 zijn voor de zone A (buitengebied en naoorlogse woonwijken) tevens de statistische kengetallen opgenomen voor het dieptetraject 2,0-4,0 m-mv. Hierin wordt bevestigd, dat ook de diepere ondergrond van deze zone voldoet aan de achtergrondwaarde.
Voor de overige zones zijn dieper dan 2,0 m-mv onvoldoende gegevens beschikbaar om de statistische berekeningen uit te voeren. Ook voor de overige zones wordt verwacht, dat de diepere ondergrond een vergelijkbare of betere kwaliteit heeft dan de bovenste 2 meter. Wanneer de grond op een onverdachte locatie in het dieptetraject 0,5-2,0 m-mv voldoet aan de achtergrondwaarde, dan mag worden aangenomen dat ook de grond dieper dan 2,0 m-mv voldoet aan de achtergrondwaarde.