Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.1

Zones in de bodemkwaliteitskaart

Onderdeel van Bodemkwaliteitskaart

Het grondgebied van de gemeente Terneuzen is (op basis van statistische bewerkingen en interpretatie van het ruimtelijke patroon van waarnemingen) ingedeeld in de volgende zones: Zone Kwaliteitsklasse Kwaliteitsklasse Bovengrond (0-0,5 m-mv) Ondergrond (0,5-2,0 m-mv) A: Buitengebied en naoorlogse Achtergrondwaarde Achtergrondwaarde woonwijken B1: Woonwijken Wonen Achtergrondwaarde B2: Woonwijken Wonen Wonen C2: Woonwijken (Sasse Poort) Industrie Wonen C3: Woonwijken (oude centra) Industrie Industrie D: Bedrijfsterreinen Achtergrondwaarde Achtergrondwaarde E1: Bedrijfsterreinen Wonen Achtergrondwaarde G3: Bedrijfsterreinen Voldoet niet aan klasse industrie Industrie G4: Landtong en Kanaaleiland Voldoet niet aan klasse industrie Voldoet niet aan klasse industrie Sluiskil K: Kanaalhavens, Broomchemie Verdacht vanwege hoge EOX Verdacht vanwege hoge EOX en omgeving Overige parameters uit NEN5740: Overige parameters uit NEN5740: Achtergrondwaarde Achtergrondwaarde Voor ruim 3% van het gemeentelijk oppervlak is geen gemiddelde kwaliteitsklasse vastgesteld. Dit betreft met name enkele grote provinciale inrichtingen (Dow Benelux, Heros, Yara), kleine bedrijfsterreinen met (vrijwel) geen gegevens en stortplaatsen. De bodemkwaliteitskaart met de begrenzing van deze zones is opgenomen in bijlage 15A t/m 15E. Op basis van de beschikbare analyseresultaten is voor deze zones een aantal statistische kengetallen berekend (diverse percentielwaarden, gemiddelde, lognormaal gemiddelde). De resultaten hiervan zijn opgenomen in bijlage 7 t/m 13. De kengetallen zijn apart berekend voor de bovengrond (0-0,5 m-mv) en voor de ondergrond (0,5-2,0 m-mv). Voor het berekenen van het gemiddelde en het lognormaal gemiddelde zijn meetwaarden lager dan de detectiegrens vervangen door 0,7 x detectiegrens. De achtergrondwaarden en de maximale waarden voor wonen en industrie zijn voor veel stoffen afhankelijk van het bodemtype (percentages lutum en organische stof). Om de getallen gemakkelijk met elkaar te kunnen vergelijken, zijn alle statistische kentallen omgerekend naar standaardbodem (lutum=25%, humus=10%). Vermenigvuldiging van het kental met de waarde uit de kolom bodemtypecorrectie geeft het oorspronkelijke kengetal. De Richtlijn bodemkwaliteitskaarten schrijft voor, dat tevens de betrouwbaarheidsintervallen van het gemiddelde worden vermeld. Ter voldoening hieraan zijn deze betrouwbaarheidsintervallen voor de definitieve zones opgenomen in bijlage 14. Oppervlakte en aantal representatieve waarnemingen per zone: Zone Oppervlakte Bovengrond (0-0,5 m-mv) Ondergrond (0,5-2,0 m-mv) Aantal Per km2 Aantal Per km2 A Buitengebied en naoorlogse woonwijken, kwaliteitsklasse AW 232,79 km2 1637 7,0 / km2 742 3,2 / km2 B1 Woonwijken, kwaliteitsklasse Wonen Ondergrond: Achtergrondwaarde 3,80 km2 385 101,2 / km2 223 58,6 / km2 B2 Woonwijken, kwaliteitsklasse Wonen Ondergrond: kwaliteitsklasse Wonen 1,52 km2 222 146,5 / km2 208 137,3 / km2 C2 Woonwijken (Sasse Poort), kwaliteitsklasse Industrie Ondergrond: kwaliteitsklasse Wonen 0,10 km2 21 213,1 / km2 32 324,7 / km2 C3 Woonwijken (oude centra) kwaliteitsklasse Industrie 0,87 km2 200 229,8 / km2 205 235,6 / km2 D Bedrijfsterreinen, kwaliteitsklasse AW 6,68 km2 498 74,6 / km2 280 41,9 / km2 E1 Bedrijfsterreinen, kwaliteitsklasse Wonen Ondergrond: Achtergrondwaarde 0,12 km2 41 350,9 / km2 27 231,1 / km2 G3 Bedrijfsterreinen, voldoet niet aan kwaliteitsklasse Industrie Ondergrond: kwaliteitsklasse industrie 0,33 km2 149 452,7 / km2 135 410,2 / km2 G4 Bedrijfsterreinen, voldoet niet aan kwaliteitsklasse Industrie 0,34 km2 144 427,4 / km2 145 430,4 / km2 K Kanaalhavens, Broomchemie en omgeving, kwaliteitsklasse AW afgezien van hoge EOX 0,31 km2 34 110,0 / km2 39 126,1 / km2 Overige gebieden, geen kwaliteit vastgesteld 7,71 km2 Het aantal waarnemingen verschilt per parameter. In bovenstaande tabel is uitgegaan van het aantal waarnemingen voor PAK. In het algemeen zijn voor de metalen met name in de ondergrond meer gegevens beschikbaar dan voor PAK. Ondergrond dieper dan 2 m-mv In alle zones in Zeeuwsch-Vlaanderen is de kwaliteit van de ondergrond tussen 0,5 en 2,0 m-mv vergelijkbaar of beter dan in de bovengrond (0-0,5 m-mv). Voorzover voldoende gegevens beschikbaar zijn is de ondergrond steeds ingedeeld in dezelfde danwel een schonere kwaliteitsklasse dan de bovengrond. Voor de ondergrond dieper dan 2 m-mv zijn weinig meetgegevens beschikbaar. Voor de berekeningen van de diepere ondergrond zijn de zones A met buitengebied en recente woonwijken uit de drie Zeeuws-Vlaamse gemeentes samengevoegd. In bijlage 7 zijn voor de zone A (buitengebied en naoorlogse woonwijken) tevens de statistische kengetallen opgenomen voor het dieptetraject 2,0-4,0 m-mv. Hierin wordt bevestigd, dat ook de diepere ondergrond van deze zone voldoet aan de achtergrondwaarde. Voor de overige zones zijn dieper dan 2,0 m-mv onvoldoende gegevens beschikbaar om de statistische berekeningen uit te voeren. Ook voor de overige zones wordt verwacht, dat de diepere ondergrond een vergelijkbare of betere kwaliteit heeft dan de bovenste 2 meter. Wanneer de grond op een onverdachte locatie in het dieptetraject 0,5-2,0 m-mv voldoet aan de achtergrondwaarde, dan mag worden aangenomen dat ook de grond dieper dan 2,0 m-mv voldoet aan de achtergrondwaarde.

Rechtspraak bij dit artikel