Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.4

Evaluatie DDD, DDE en DDT

Onderdeel van Bodemkwaliteitskaart

In 2004 is in de bodemkwaliteitskaart van het buitengebied (lit. 9) vastgesteld, dat de bovengrond van de zone Zeeuwsch-Vlaanderen licht verontreinigd is met de som van DDD+DDE+DDT. In de Regeling bodemkwaliteit wordt voor DDD, DDE en DDT niet meer getoetst aan een somparameter, maar aan achtergrondwaarden en maximale waarden voor elk van deze parameters afzonderlijk. In voornoemde bodemkwaliteitskaart (en de onderliggende databestanden) zijn alleen gegevens voor de som van DDD, DDE en DDT beschikbaar. De achtergrondwaarden van DDD, DDE en DDT zijn hoger dan de streefwaarde voor de som van deze drie parameters (in mg/kgds, standaardbodem): Streefwaarde Achtergrondwaarde Maximale waarde wonen Maximale waarde industrie DDT 0,2 0,2 1 DDE 0,1 0,13 1,3 DDD 0,02 0,84 34 Som DDD+DDE+DDT 0,01 Voor elk van deze afzonderlijke parameters geldt, dat de achtergrondwaarde hoger is dan de vroegere streefwaarde voor de som van deze parameters. In de bodemkwaliteitskaart uit 2004 is vastgesteld, dat voor de som van DDD+DDE+DDT het rekenkundig gemiddelde 0,13 mg/kgds bedraagt (omgerekend naar standaardbodem). De vraag is, of het buitengebied voldoet aan de afzonderlijke achtergrondwaarden voor DDD, DDE en DDT. In de bodemkwaliteitskaart uit 2004 zijn voor de bovengrond 183 grondanalyses op DDD+DDE+DDT gebruikt. Gedeeltelijk betreft dit rapporten die in gemeentelijke BIS-sen zijn ingevoerd, gedeeltelijk is niet duidelijk uit welke onderzoeken deze gegevens afkomstig waren. Bij onderstaande evaluatie is alleen uitgegaan van onderzoeken waarvoor in de gemeentelijke BIS-sen analyseresultaten zijn ingevoerd voor de som van DDD+DDE+DDT. Beschikbare gegevens som DDD+DDE+DDT in gemeentelijke BIS-sen: Aantal rapporten met DDD+DDE+DDT Aantal analyses totaal Aantal analyses > 0,004 mg/kgds Aantal analyses > detectiegrens Strabis Hulst (dec. 2007) 19 42 20 25 Strabis Terneuzen 57 311 105 132 (nov. 2007) Bis4All Sluis 9 44 18 19 (maart 2008) Voor de gemeentes Hulst en Terneuzen is een selectie gemaakt van rapporten met meetwaardes voor de som van DDD+DDE+DDT hoger dan 0,004 mg/kgds (= achtergrondwaarde DDD bij een humuspercentage van 2% of minder). Deze rapporten zijn in april 2008 bij deze gemeentes ingezien om de afzonderlijke meetwaarden voor DDD, DDE en DDT op te zoeken. Enkele rapporten zijn niet direct gevonden in het archief. Deze rapporten zijn verder niet meegerekend (7 analyses). Verder zijn de volgende rapporten buiten beschouwing gelaten: 2 rapporten in de gemeente Terneuzen, omdat de meetgegevens betrekking hebben op waterbodemonderzoek (rapportcode AA071502505 en rapportcode AA071502217). Het bodemonderzoek aan de Gerard v.d. Nissestraat 31 in Zaamslag (rapportcode AA071501120), omdat de gerapporteerde som van DDD+DDE+DDT niet in overeenstemming is met de gerapporteerde waarden voor DDD, DDE en DDT afzonderlijk. Gedempte kreek aan de Vrijstraat bij Sas van Gent (rapportcode AA071502825 voor alle parameters niet meegerekend). Een bodemonderzoek aan de Molenstraat te Zaamslag (rapportcode AA071501482): lokale verontreiniging van een boomgaard met duidelijk hogere waardes voor DDD+DDE+DDT. Lokale verontreiniging (opslag bestrijdingsmiddelen) met duidelijk hogere waardes voor DDD+DDE+DDT aan de Zoutestraat 200 in Hulst (rapportcodes AA06770757 t/m AA06770759). Voor het overige zijn de gegevens niet gecontroleerd op eventuele lokale verontreinigingen van bijvoorbeeld voormalige boomgaarden. Voor de gemeente Sluis zijn alleen de gegevens uit de bodemkwaliteitskaart van het landinrichtings-gebied Ponte gebruikt (10 bovengrond- en 10 ondergrondmonsters). Als worst case benadering zijn de gemiddelde concentraties DDD, DDE en DDT bepaald voor een deelverzameling met alleen de monsters waarvoor de som van DDD+DDE+DDT gelijk of hoger is dan 0,004 mg/kgds (1). Daarnaast zijn de berekeningen uitgevoerd, waarbij voor de individuele waarden voor DDD, DDE en DDT als vervangende waarde de somparameter is genomen indien deze lager is dan 0,004 mg/kgds (2). Bij een deel van de monsters is sprake van detectiegrenzen, die hoger zijn dan de achtergrondwaarde voor DDD. Dit beïnvloedt de resultaten van de berekeningen, zodat in het tweede geval de monsters met een detectiegrens van 0,01 mg/kgds of hoger buiten beschouwing zijn gelaten. (1) Worst case benadering, rekenkundig gemiddelden bovengrond, alleen monsters met som DDD+DDE+DDT > 0,004 mg/kgds: Aantal: N=106 Som DDD+DDE+DDT DDT DDD DDE Gemeten waarden 0,0603 mg/kgds 0,0334 mg/kgds 0,0076 mg/kgds 0,0184 mg/kgds Omgerekend naar standaardbodem 0,163 mg/kgds 0,090 mg/kgds 0,020 mg/kgds 0,050 mg/kgds Het rekenkundig gemiddelde voor het percentage organische stof bedraagt voor deze dataset 3,7% (2) Rekenkundig gemiddelden bovengrond, som DDD+DDE+DDT als vervangende waarde voor individuele DDT, DDD en DDE indien som DDD+DDE+DDT < 0,004 mg/kgds (monsters met detectiegrenzen van 0,01 mg/kgds of hoger zijn buiten beschouwing gelaten). Aantal: Som DDT DDD DDE N=160 DDD+DDE+DDT Gemeten waarden 0,0415 mg/kgds 0,0241 mg/kgds 0,0060 mg/kgds 0,0139 mg/kgds Omgerekend naar 0,115 mg/kgds 0,065 mg/kgds 0,016 mg/kgds 0,038 mg/kgds standaardbodem Het rekenkundig gemiddelde voor het percentage organische stof bedraagt voor deze dataset 3,6% Op basis van het voorgaande wordt geconcludeerd, dat de bovengrond in Zeeuwsch-Vlaanderen voldoet aan de achtergrondwaarden voor DDD, DDE en DDT. Voor de ondergrond (0,5-2,0 m-mv) zijn voor de drie Zeeuws-Vlaamse gemeentes tezamen 72 waarnemingen beschikbaar voor de som van DDD+DDE+DDT. Bij 65 van deze waarnemingen zijn geen concentraties DDD+DDE+DDT boven de detectiegrens gemeten. Ook de ondergrond van Zeeuwsch-Vlaanderen voldoet derhalve aan de achtergrondwaarden voor DDD+DDE+DDT.

Rechtspraak bij dit artikel