1.. Als uitwerking van artikel 2 kan Subsidie worden verstrekt voor Activiteiten die concreet bijdragen aan de acht maatschappelijke doelen die in het UPJO genoemd worden:

  • - de Jeugd ervaart sociale en fysieke veiligheid, verantwoordelijkheid en betrokkenheid;
  • - er zijn op basis van gezamenlijke pedagogische uitgangspunten uitdagingen gerealiseerd die de ontwikkeling van de Jeugd stimuleren, zij krijgen ondersteuning als zij problemen ervaren en worden bijgestuurd als dat nodig is;
  • - opvoeders voelen zich gesteund in hun ondersteunend gedrag, zodat zij hun kind optimaal kunnen stimuleren en begeleiden in de leerloopbaan en daarbuiten;
  • - acceptatie van, waardering en respect voor diversiteit en verscheidenheid;
  • - er is ruimte voor ontmoeten, ontspannen en ontdekken en de Jeugd bepaalt mede hoe deze ruimte wordt ingevuld;
  • - de Jeugd maakt gebruik van een laagdrempelig aanbod waarbij talenten ontwikkeld en/of ontdekt kunnen worden;
  • - arbeidsmarktoriëntatie gericht op maatwerk en competenties van Jeugd zodat zij weten wat van hen verwacht wordt op de arbeidsmarkt en wat de arbeidsmarkt hen te bieden heeft;
  • - de basisvaardigheden van de Jeugd zijn toereikend om zich maatschappelijk te kunnen redden.

2.. Afhankelijk van het eenmalige dan wel steeds terugkerende karakter van de Activiteiten wordt Incidentele óf Structurele Subsidie verleend.