Bij de inhoudelijke beoordeling van de subsidieaanvraag wordt door een beoordelingscommissie naar een aantal aspecten gekeken.
1) De aanvraag voldoet aan de eisen zoals genoemd in artikel 6.
2) De waardering van de beoordelingscommissie aan de hand van de mate waarin is voldaan aan de volgende criteria:
• Kwaliteit: de mate waarin de activiteiten en de organisatie daarvan bijdragen aan een effectieve ondersteuning van daklozen. De mate waarin gebruikers, medewerkers en vrijwilligers betrokken worden in de ontwikkeling van het aanbod en een actieve rol hebben in de realisatie. De mate waarin de eventuele verplaatsing van het huidige gebruik ongewenste gevolgen heeft in de keten van maatschappelijke opvang.
Hierbij geldt een weegfactor van 45%.
• De hoogte van de kosten over de gehele subsidieperiode en de mate waarin er een logisch verband bestaat tussen de subsidiabele activiteiten en de daarvoor benodigde middelen. Het betreft hierbij zowel de kosten voor de exploitatie als de eventuele kosten voor verbouwing en de verplaatsing van het huidige gebruik.
Hierbij geldt een weegfactor van 20%.
• Samenwerking en lerend ontwikkelen: de mate waarin het aanbod in het voorstel afgestemd wordt op andere voorzieningen voor de doelgroep en de afstemming met ketenpartners daarover binnen en buiten de locatie.
Hierbij geldt een weegfactor van 10%.
• Inpassing en omgevingssensitiviteit: de geschiktheid van de locatie, de mate waarin het voorstel aandacht heeft voor de leefbaarheid, veiligheid en het beheer in de directe omgeving van de locatie en de wijze waarop het overleg met de omgeving daartoe wordt ingericht.
Hierbij geldt een weegfactor van 25%.
Hoofdstuk
Artikel 8
Beoordelingscriteria subsidieaanvraag
Onderdeel van Beleidsregel gecombineerde inloopvoorziening voor daklozen gemeente Utrecht