Naar hoofdinhoud
1.. Het voortgangsgesprek kan indien gewenst minimaal 1 x per jaar plaatsvinden. De aangewezen periode daarvoor is juni, juli of augustus. 2.. Het voortgangsgesprek omvat tenminste de volgende onderwerpen: evaluatie en eventuele bijstelling van de resultaatafspraken voortgang POP ontwikkeling in de huidige functie evaluatie en waardering van de medewerker voor de ondersteuning door de leidinggevende samenwerking in het team werksfeer en arbeidsomstandigheden ziekteverzuim integriteit 3.. Het verslag wordt (digitaal) ondertekend door zowel de medewerker als de leidinggevende. 4.. Bij onenigheid tussen de medewerker en de leidinggevende over de afspraken en/of het verslag beslist, na overleg, de naast hogere leidinggevende. 5.. De medewerker kan gebruik maken van de mogelijkheid om schriftelijk commentaar te geven op de afspraken en/of het verslag Dat hoeft hij niet direct te doen, want de medewerker heeft twee weken de tijd om te tekenen. Er kan geen bezwaar of beroep aangetekend worden. 6.. De leidinggevende die het gesprek heeft gevoerd, reikt een (digitaal) afschrift van het voortgangsverslag aan de medewerker uit. 7.. Het origineel wordt binnen 4 weken nadat het gesprek is gehouden gearchiveerd in het persoonsdossier dan wel in het voor dit doeleind beschikbare digitale systeem. 8.. Op verzoek van de leidinggevende en/of de medewerker kan op ieder moment contact plaatsvinden over de functie-uitoefening. Indien daarbij veranderingen worden aangebracht in de gemaakte afspraken zoals vastgelegd in het planningsverslag, dan wordt hiervan schriftelijk verslag gedaan en na gezamenlijke ondertekening (digitaal) gearchiveerd.

Rechtspraak bij dit artikel