Vanuit de VNG en het bureau BIBOB wordt aanbevolen om BIBOB gefaseerd in te voeren. Redenen hiervoor zijn:
De complexiteit van de invoering van de wet in de organisatie;
Bestuursorganen kunnen de wet nog niet optimaal binnen het gehele toepassingsbereik toepassen; zo zijn er nog geen subsidieregelingen aangewezen door de Minister van Justitie waarop de wet toegepast kan worden en bij overheidsopdrachten is het risico aanwezig dat BIBOB in strijd met de Europese regels wordt toegepast. Verder is er, doordat de zgn. Veegwet onlangs in werking is getreden, in den lande nog geen ervaring opgedaan met bouwvergunningen.
Gelet hierop en gelet op een quick scan, uitgevoerd door de projectgroep, is geconcludeerd dat de implementatie van de wet moet beginnen bij de horecavergunningen, de seksinrichtingen en escortbedrijven, de coffeeshops en de speelautomatenhallen. In een later stadium zullen stappen worden ondernomen om de milieu- en bouwvergunningen, de subsidies en de overheidsopdrachten te implementeren.
Redenen die uit de quick scan naar voren zijn gekomen om met voornoemde branches te beginnen zijn:
Medewerkers die belast zijn met de uitvoering van het vergunningenbeleid in betreffende branches zijn al gewend kritisch te kijken naar de persoon van de aanvrager van de vergunning;
Ook is men gewend om met politiegegevens om te gaan;
Er kan op basis van de specifieke wetgeving al veel “eigen huiswerk” worden uitgevoerd, zoals het opvragen van justitiële documentatie;
Vergunningen worden dikwijls gewijzigd en veelvuldig vinden in deze branches wisselingen (lees ook: transacties) plaats van ondernemers; De kans dat daarmee criminele activiteiten zijn gemoeid is daardoor groter;
Landelijk is gebleken dat de horecagerelateerde branche veelvuldig wordt ingezet voor criminele activiteiten.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.3