De leidinggevende houdt één keer per jaar een jaargesprek met de medewerker. Dit gesprek valt uiteen in twee elementen:
- - De leidinggevende bespreekt met de medewerker de beoordeling over het functioneren van de medewerker en
- - Leidinggevende en medewerker bespreken de volgende onderwerpen en maken daar eventueel afspraken over:
- - de resultaten in het aansluitend jaar
- - de ontwikkeling in het aansluitend jaar
- - de rol van de leidinggevende.
Het jaargesprek vindt in de laatste maand van de beoordelingsperiode plaats. Indien dit door omstandigheden niet mogelijk is, vindt het gesprek zo spoedig mogelijk na afloop van de beoordelingsperiode plaats. Het niet (tijdig) plaatsvinden van het jaargesprek leidt niet tot uitblijven of opschorting van consequenties voor de beloning, tenzij het uitstel is te wijten aan de medewerker.