** 1. .** In een parkeergarage en op het hierbij behorend terrein zijn de Wegenverkeerswet 1994 en de daarop gebaseerde voorschriften van toepassing, met dien verstande dat de bestuurder van een motorvoertuig:
niet sneller mag rijden dan 15 kilometer per uur;
alleen de aangegeven rijrichting mag volgen;
zijn motorvoertuig alleen mag parkeren in een parkeervak.
De bestuurder die een van deze gebruiksregels overtreedt, is een boete verschuldigd van € 100,00.
** 2. .** De bestuurder van een motorvoertuig is verplicht bij het in- en uitrijden van een parkeergarage de nodige afstand tot een voorgaand motorvoertuig aan te houden. Hij moet wachten op zijn beurt om de automaat waaraan de slagboom bij de in- en uitrit is verbonden, te bedienen. Het is verboden om een parkeergarage in- of uit te rijden door direct achter een voorgaand motorvoertuig aan onder de slagboom door te rijden (treintje rijden).
De bestuurder die deze gebruiksregel overtreedt, is een boete verschuldigd van € 300,00.
** 3. .** Het is verboden om zaken, van welke aard dan ook, op te slaan. Hieronder wordt begrepen het parkeren van een motorvoertuig zonder een geldig parkeerbewijs.
Onverminderd artikel 1.3, derde lid, is de bezitter of houder van een zaak of motorvoertuig bij overtreding van deze gebruiksregel een boete verschuldigd van € 25,00 per dag of deel daarvan.
** 4. .** Als bezitter of houder van een motorvoertuig als bedoeld in het derde lid wordt aangemerkt:
degene die het voertuig heeft geparkeerd;
degene op wiens naam het voor het motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in het kentekenregister was ingeschreven.
** 5. .** Het is verboden afval achter te laten, anders dan in de daartoe bestemde afvalbakken. Uitwerpselen van een dier moeten door de houder van dat dier direct worden verwijderd. Het is verboden om de natuurlijke behoefte te doen.
Degene die een van deze gebruiksregels overtreedt is een boete verschuldigd van € 100,00.
** 6. .** Het is in een parkeergarage of op het hierbij behorend terrein verboden:
werkzaamheden aan een motorvoertuig uit te voeren zonder toestemming van de gemeente;
reclame te maken zonder toestemming van de gemeente;
zich zonder redelijk doel op te houden;
alcoholhoudende drank of middelen als bedoeld in artikel 2 of 3 van de Opiumwet te gebruiken.
** 7. .** Een parkeergarage en het hierbij behorend terrein mogen voor geen ander doel worden gebruikt dan waarvoor deze zijn bestemd. Hinder, gevaar, overlast of schade, anders dan hiervoor bedoeld, mag ook niet worden veroorzaakt.
** 8. .** Aanwijzingen van het personeel van de gemeente en aanwijzingen die staan vermeld op het bij een parkeergarage behorend terrein, in een parkeergarage en op de daar opgestelde apparatuur moeten onmiddellijk worden opgevolgd.
** 9. .** Om een parkeergarage te verlaten, kan hulp van het personeel van de gemeente worden gevraagd. Voor het verlenen van hulp tussen 22.30 uur en 07.00 uur worden kosten ad € 55,00 in rekening gebracht, tenzij hulpverlening noodzakelijk is wegens een bedrijfsstoring.
Artikel 1.6