Naar hoofdinhoud
Doelgroepen voor subsidieverlening voor herbestemmingsonderzoek, aanvragen en subsidiepercentages. 1.  Het college kan aan de volgende monumenteneigenaren een subsidie verlenen voor herbestemmingsonderzoek: a. eigenaren van aangewezen monumenten en/of gebouwen/complexen en/of gebieden; b. eigenaren van terreinen van archeologische betekenis, hoge archeologische waarde en/of beschermde archeologische monumenten; c. eigenaren van gebouwen/complexen of gebieden die als monument geselecteerd zijn in het kader van het Monumenten Selectie Project, het Gemeentelijk Monumenten Project, de rijks en gemeentelijke top 100 na-oorlogse bouwkunst, maar nog niet zijn aangewezen; d. eigenaren van karakteristieke beeldbepalende panden en panden gewaardeerd als “orde 2” zoals opgenomen op de Waarderingskaart Beschermd Stadsgezicht van stadsdeel Centrum, behorende bij de welstandsnota; e. gegadigden voor mogelijke aankoop van een hiervoor omschreven object: o een restaurerende instelling ( zie ook onder art 1.j); o een woningbouwcorporatie; f. eigenaren van woonhuizen zijn uitgesloten als doelgroep van subsidiering onder dit artikel. 2. Het percentage bedraagt, in geval van onderzoek herbestemming, 80% van de vastgestelde subsidiabele kosten met een maximum subsidiebedrag van € 25.000,-. 3. Het college kan op verzoek van de aanvrager een voorschot op de subsidie verstrekken. Het voorschot bedraagt maximaal 70% van de verleende subsidie

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel