Nadat een jongere zich heeft gemeld voor een bijstandsuitkering, wordt door het college de zelfredzaamheid van de jongere beoordeeld. Indien er sprake is van een complexe belemmering op één of meerdere leefgebieden (financieel, sociaal en/of persoonlijk), dan wordt de jongere (nog) niet voldoende zelfredzaam geacht en wordt van de jongere vooralsnog niet verlangd om rijksgefinancierd onderwijs te volgen.
Er is dan sprake van een kwetsbare jongere, ook wel zorgjongere genoemd. Voor deze jongere wordt door het college eerst een zoekopdracht “zorg” ingezet. Daarmee wordt de jongere ondersteund in het terugdringen van belemmeringen. Het doel hiervan is dat de jongere hierna wel in staat is rijksgefinancierd onderwijs te volgen. Ook van de jongere, die de Nederlandse taal onvoldoende beheerst, wordt vooralsnog niet verlangd rijksgefinancierd onderwijs te volgen. De jongere voldoet nog niet aan de taaleis op grond van de Participatiewet, ofwel moet de jongere eerst de Nederlandse taal nog leren op grond van de Wet inburgering. Dat laatste geldt onder meer voor statushouders. De verwachting is dat na het behalen van het inburgeringsexamen, de jongere wel in staat is rijksgefinancierd onderwijs te volgen.
Artikel 2:2,
eerste lid onder b
Onderdeel van Beleidsregel scholing als voorliggende voorziening voor bijstand Den Haag 2018