Voor de naam van het openbaar lichaam is "egio Stedendriehoek" genomen omdat deze aanduiding al vele jaren in het eigen gebied en ook daarbuiten als gebiedsaanduiding in gebruik is.
Het openbaar lichaam bezit op grond van artikel 8 van de wet rechtspersoonlijkheid.
Als juridische vestigingsplaats komt de gemeente Apeldoorn, als grootste gemeente, het meest in aanmerking. Dit is geregeld in lid 2.
In het derde lid van artikel 2 zijn de bestuursorganen van de regio vermeld. Dit zijn de regioraad, het dagelijks bestuur en de voorzitter.
Voorts is in artikel 17 opgenomen dat de regioraad bestuurscommissies kan instellen. Daartoe dienen eerst de raden van de deelnemende gemeenten te worden geïnformeerd en in de gelegenheid te worden gesteld om terzake hun wensen en bedenkingen kenbaar te maken.
Ten aanzien van de mogelijkheid tot instelling van deze commissie wordt de per 1 januari 2015 gewijzigde wet gevolgd. Dit betekent dat toestemming van de raden wordt vervangen door geïnformeerd worden met de mogelijkheid van wensen en bedenkingen.
Hoofdstuk II, Belangen, taken en bevoegdheden
Artikelen 3 en 4 Doelstelling belangen en taken
De Wet gemeenschappelijke regelingen eist dat een gemeenschappelijke regeling de belangen aangeeft, waarvoor ze wordt aangegaan (art. 10, eerste lid Wgr).
Het begrip "belang" dient in dit verband te worden verstaan als taakveld of beleidsterrein waarop het regionaal bestuur met het oog op regionale belangen werkzaam kan zijn en waar aan het regionaal bestuur bevoegdheden kunnen worden toegekend.
Bij de toedeling van bevoegdheden aan het regionaal bestuur geldt als uitgangspunt, dat deze dienen samen te hangen met de uitvoering van zgn. wettelijke taken. Hieronder worden die taken verstaan, die op basis van wetgeving aan het bestuur van een regionaal lichaam toebehoren danwel aan een dergelijk bestuur dienen te worden overgedragen. Tevens kan hierbij sprake zijn van taken, waarvan het uit efficiëncy-overwegingen doelmatig is deze aan het regionaal openbaar lichaam op te dragen en daartoe bevoegdheden over te dragen.
Op sommige terreinen kunnen bevoegdheden van gemeenten worden ingebracht, op andere terreinen beperkt de belangenbehartiging zich tot de bevordering van overleg met en tussen de deelnemende gemeenten, de bevordering van gemeenschappelijke standpuntbepalingen, het voeren van overleg met de provinciale- en rijksoverheid en het voorstaan van deze belangen ook bij andere instellingen en het geven van voorlichting (PR) inzake de belangenbehartiging in de ruimste zin door de regio.
Ten aanzien van de bevordering van gemeenschappelijke standpuntbepalingen zal de nodige terughoudendheid worden betracht.
Met betrekking tot de belangenbehartiging wordt opgemerkt, dat deze, voor zover betrekking hebbend op belangen, waartoe blijkens artikel 4 geen bevoegdheden aan de regioraad toekomen, enkel door het regionaal bestuur kan worden uitgevoerd, indien één of meer van de deelnemende gemeenten daarom verzoeken. De gemeentelijke bestuursorganen bepalen daarbij in welke omvang de regio de betreffende belangen behartigt. Dit uitgangspunt past geheel in de opvatting, dat het primaat van de samenwerking in regionaal verband berust bij de gemeentelijke bestuursorganen, met name bij de gemeenteraden.
De activiteiten, die de regio met betrekking tot deze laatste categorie van belangen uitvoert, dienen in dienst te staan van het door één of meer gemeenten aangegeven belang, danwel het profileren van de regio.