Met ZOOV als het regionale systeem voor Collectief Vraagafhankelijk Vervoer (CVV) of met een maatwerkvoorziening wordt de benodigde vervoersbehoefte ingevuld. Wanneer deze behoefte duidelijk minder of meer is dan het maximaal te verstrekken aantal kilometers van 2000 per jaar, kan hier gemotiveerd van worden afgeweken en wordt de omvang gemotiveerd in de beschikking opgenomen.
Uit jurisprudentie blijkt dat om te kunnen participeren de cliënt de mogelijkheden moet hebben omjaarlijks lokaal en regionaal (tot zo’n 15 tot 20 km afstand vanaf de woning van cliënt) 1500 tot2000 km moet kunnen reizen.
Berkelland hanteert de bovengrens van 2000 kilometer per jaar in een straal 20 kilometer rondom de woning, waarbij voorzieningen zoals het ziekenhuis dat buiten de 20 kilometer ligt, als een puntbestemming toch met ZOOV bereikbaar is. Een puntbestemming wordt op individueel niveau vastgesteld met een maximum van twee puntbestemmingen per cliënt. Deze puntbestemmingen worden per jaar vastgesteld en kunnen maximaal 1 keer per jaar gewijzigd worden. Zoals gesteld kan van de bovengrens van 2000 km gemotiveerd worden afgeweken. Andere bovenregionale bestemmingen vallen buiten de reikwijdte van de Wmo 2015. Hiervoor is Valys door de wetgever aangewezen. Om Valys aan te vragen moet cliënt kunnen aantonen dat hij een indicatie of verklaring van de gemeente heeft waaruit blijkt dat hij een mobiliteitsprobleem heeft. Omdat er witte vlekken (= onbereikbare bestemmingen tussen de 20 kilometer en het reisgebied van Valys zitten, kan men met ZOOV ook ritten van 20 tot 40 kilometer boeken, tegen een extra betaling (€ 1,50 per kilometer).
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.9
Collectief vervoer
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Berkelland 2017