Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Behandeltermijnen en tussenberichten

Onderdeel van Reglement voor de afhandeling van ingekomen brieven

5.1.. De afhandeling van de op basis van artikel 3.1. geregistreerde ingekomen brieven dient te geschieden binnen de daarvoor geldende wettelijke termijn. 5.2.. De afhandeling van de op basis van artikel 3.1. geregistreerde ingekomen brieven, waarvoor geen wettelijke afhandeltermijn bestaat, dient te geschieden binnen acht weken. 5.3.. Verlengen van de behandeltermijn van een op basis van artikel 3.1. geregistreerde brief is alleen mogelijk binnen de daarvoor geldende wettelijke termijnen en als er sprake is van één of meerdere van de onderstaande gevallen: er is nog onvoldoende informatie beschikbaar om de brief al af te kunnen handelen er is sprake van een uitzonderlijke situatie (b.v. een piekbelasting of een uitzonderlijk complexe zaak) 5.4.. Als de behandeltermijn van een op basis van artikel 3.1. geregistreerde brief verlengd wordt en dit is niet al in de ontvangstbevestiging aangegeven, moet de behandelende afdeling een gemotiveerd tussenbericht verzenden met daarin minimaal opgenomen: datum ingekomen brief onderwerp datum ontvangst registratienummer ingekomen brief behandelaar reden van verlenging behandeltermijn termijn van verlenging behandeltermijn 5.5.. Gemotiveerde tussenberichten moeten geaccordeerd en ondertekend worden door het desbetreffende afdelingshoofd. 5.6.. Van gemotiveerde tussenberichten dient direct na verzending een afschrift aan BUDIM gezonden te worden t.b.v. aanpassing van de behandeltermijn in het postregistratiesysteem. 5.7.. De senior BUDIM is bevoegd om uitzonderingen op het bepaalde in artikel 5.4. tot en met 5.6. te maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel