Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3: › Paragraaf 2:

Artikel 12

Artikel 12

Onderdeel van Monumentenverordening

1.. Tegen een besluit tot weigering van de vergunning, tot het verlenen van de vergunning onder voorschriften of tot het niet ontvankelijk verklaren, kan de aanvrager binnen een maand na de dag, waarop het afschrift van het besluit is verzonden, gemotiveerd schriftelijk bij de gemeenteraad beroep instellen. Indien de vergunning overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, vierde lid, wordt geacht geweigerd te zijn, kan de aanvrager binnen een maand hiertegen schriftelijk bij de gemeenteraad gemotiveerd beroep instellen. 2.. De gemeenteraad beslist binnen drie maanden na de dag, waarop het beroepschrift is ontvangen. Hij kan zijn beslissing eenmaal voor ten hoogste twee maanden verdagen; hiervan wordt onverwijld schriftelijk mededeling gedaan aan de aanvrager. In het geval als bedoeld in het eerste lid, tweede volzin, beslist de gemeenteraad niet dan nadat de monumentencommissie is gehoord. 3.. Van de beslissing van de gemeenteraad ingevolge het tweede lid wordt onverwijld afschrift gezonden aan de aanvrager, de monumentencommissie en het bouwtoezicht. Indien de beslissing strekt tot het verlenen van de vergunning, geldt dit afschrift als een door burgemeester en wethouders verleende vergunning. 4.. Het beroep wordt geacht ongegrond te zijn verklaard, indien de gemeenteraad niet binnen de in het tweede lid genoemde termijn – eventueel na verdaging – een beslissing heeft genomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel