**1.** Ieder commissielid kan aan het college van burgemeester en wethouders of aan leden van het college van burgemeester en wethouders vragen stellen over onderwerpen, betrekking hebbende op het takenpakket van de commissie, die niet op een commissieagenda staan vermeld, met de bedoeling de beantwoording te behandelen in een commissievergadering.
**2.** De vragen worden ingediend bij de griffier.
**3.** De vragen worden door de griffier in afschrift verstrekt aan de leden van de desbetreffende commissie en aan het lid van college van burgemeester en wethouders, waaraan de vragen zijn gesteld.
**4.** De voorzitter plaatst de vragen op de agenda voor de eerstvolgende commissievergadering mits de vragen minimaal één week voor verzending van de oproep als bedoeld in artikel 11 zijn ingediend.
**5.** De vragen worden tijdens de commissievergadering door of namens het college of het lid van het college aan wie de vragen werden gesteld mondeling beantwoord. Zo mogelijk wordt de beantwoording ook schriftelijk verstrekt.
**6.** Indien het door omstandigheden niet mogelijk is om de vragen in de commissievergadering te beantwoorden, deelt het college van burgemeester en wethouders of het betreffende lid van het college onder opgave van redenen dit aan de commissie mede.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2
Artikel 24
Vragen van inlichtingen
Onderdeel van Verordening op de raadscommissies 2005