Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 12.

Opstellen van de beoordeling

Onderdeel van Regeling HR-cyclus

1.. De leidinggevende beoordeelt het functioneren van de ambtenaar aan de hand van het voor de ambtenaar vastgestelde Persoonlijk Jaarplan en voortgangsverslag(en). Daarbij worden ook eventuele andere afspraken in acht genomen die tussen ambtenaar en de leidinggevende zijn gemaakt gedurende de beoordelingsperiode. 2.. De leidinggevende stelt een beoordeling op. 3.. De leidinggevende gaat daarbij uit van zijn eigen ervaringen en maakt zo mogelijk gebruik van de ervaringen van door hem of haar aan te wijzen informatiever-strekkers. 4.. Op het beoordelingsformulier wordt aangegeven van welke informatieverstrekkers informatie is ingewonnen.

Rechtspraak bij dit artikel