Voor wat betreft het instellen van een huisbezoek zijn de situaties te onderscheiden waarin er voorafgaand aan het huisbezoek wel sprake is van een redelijke grond en waarin er geen sprake is van een redelijke grond.
3.5.1 Wel redelijke grond
Belanghebbende moet voorafgaand aan het betreden in de woning geïnformeerd worden over:
-
de reden en het doel van het huisbezoek;
-
meegedeeld worden dat hij niet gedwongen kan worden de medewerkers van de sectie binnen te laten, en;
-
dat het niet geven van toestemming gevolgen heeft voor de (verdere) verlening van bijstand.
Deze laatste mededeling kan er toe leiden dat belanghebbende de toestemming om de woning te betreden alsnog verleent. Het kan ook leiden tot een blijvende weigering toegang te verlenen waarop de toepasselijke consequentie(s) kan worden geëffectueerd.
De bewijslast ten aanzien van het ´informed consent´ berust bij het college.
3.5.2 Geen redelijke grond
In de situatie waarin géén redelijke grond voor een huisbezoek aanwezig is, kan belanghebbende de toegang tot zijn woning eveneens weigeren. Denk hierbij aan het standaard-huisbezoek. Aan de weigering kunnen dan géén consequenties worden verbonden (bijvoorbeeld weigering of beëindiging van de uitkering). Voorafgaand aan het huisbezoek moet belanghebbende naast de reden en het doel van het huisbezoek ook geattendeerd worden op het feit dat het weigeren van toestemming geen (directe) gevolgen heeft voor de bijstandsverlening (2).
De bewijslast ten aanzien van het ´informed consent´ berust ook in deze situatie bij de gemeente.
Wél is het mogelijk het onderzoek naar de woonsituatie voort te zetten met andere middelen dan het huisbezoek, bijvoorbeeld stelselmatige observatie. De bevindingen van dit onderzoek kunnen uiteindelijk alsnog leiden tot directe consequenties voor de belanghebbende in kwestie.
Ook kan een vervolgonderzoek er toe leiden dat alsnog concrete aanwijzigen ontstaan waardoor wel een redelijke grond voor een huisbezoek ontstaat. Hierop kan alsnog een huisbezoek worden uitgevoerd als vermeld in § 3.5.1.