Tweede lid
Op grond van artikel 3.6 Awb dient het bestuursorgaan zelf een termijn te stellen voor het uitbrengen van advies, indien dit niet reeds bij wettelijk voorschrift is bepaald. Deze termijn mag niet zodanig kort zijn, dat de adviseur zijn taak niet naar behoren kan vervullen. Gegeven een beslistermijn van 8 weken heeft zowel de CRK een redelijke adviestermijn (4 weken) als het college een redelijke termijn (4 weken) om het advies van de Commissie te verwerken en een besluit voor te bereiden.
Derde lid
In de dagelijkse praktijk kan sprake zijn van (vergunningplichtige) activiteiten van een zodanige aard en omvang, dat de meerwaarde van een procedure ex artikel 10, tweede lid, voor het monument niet opweegt tegen de hinder en kosten die monumenteneigenaren hiervan met het oog op de voortgang en de te betalen leges ervaren.
In dit lid wordt daarom de mogelijkheid geschapen om de in de verordening opgenomen vergunningprocedure ex artikel 10, tweede lid, voor ondergeschikte wijzigingen aan gemeentelijke monumenten onder voorwaarden sneller af te kunnen doen. Wanneer kan worden afgezien van het vragen van advies aan de CRK kan immers sneller worden beslist op de omgevingsvergunningaanvraag. Verwacht kan worden dat eigenaren daardoor minder lang hoeven te wachten op toestemming voor het uitvoeren van minimale ingrepen. De administratieve lasten dalen hierdoor voor zowel de aanvrager als het college. Het ligt in de rede dat als gevolg hiervan een lager legestarief wordt vastgesteld wanneer dit lid van toepassing kan worden verklaard. Het artikel kan daardoor ook aanleiding geven om de te betalen leges hiermee in overeenstemming te brengen.
Om te voorkomen dat met het afzien van het vragen van advies aan de CRK de monumentale waarden in het geding kunnen worden gebracht, is de toepassing van dit lid aan voorwaarden verbonden. Het dient te gaan om activiteiten die naar oordeel van het college: a) van niet-ingrijpende aard zijn, b) in omvang beperkt zijn én c) volledig worden uitgevoerd volgens de nadere regels zoals die door het college zijn vastgelegd in de ‘Leidraad MOOI Ede’. In de Leidraad MOOI Ede zijn actuele uitvoeringsrichtlijnen en uitgangspunten in het kader van de (gebouwde en aangelegde) monumentenzorg verzameld. Hierbij staat de bouwkundige en monumentale kwaliteit, vanuit behoudtechnische optiek, voorop. De leidraad kan eigenaren behulpzaam zijn bij het vertalen van voorschriften naar eenduidige opdrachten aan marktpartijen. Daarnaast kan de Leidraad een transparant en helder (behoudtechnisch) toetsingskader vormen bij vergunningaanvragen wanneer er wel sprake is van omvangrijke en ingrijpende activiteiten. Op die manier kan de leidraad het doorlopen van een vergunningprocedure vergemakkelijken. Indien de uit te voeren werkzaamheden (gedeeltelijk) niet worden beschreven in de Leidraad MOOI Ede, dan wordt een advies gevraagd aan de CRK.
Als voorbeelden kunnen worden genoemd:
**•.** Een geval van normaal onderhoud, waarbij detaillering, profilering, vormgeving en kleur niet wijzigen, maar de initiatiefnemer een alternatieve materiaaltoepassing voorstelt omdat de oorspronkelijke materiaalsoort niet meer leverbaar is. Op basis van het bepaalde in artikel 10, derde lid, geldt dat deze activiteit niet geheel omgevingsvergunningsvrij is: materiaalvervanging dient immers in beginsel in dezelfde materiaalsoort te geschieden. Praktisch gezien kan in dit geval, samen met de aanvrager, worden onderzocht welk alternatief aanpassingsniveau mogelijk en acceptabel is, primair aan de hand van de Leidraad MOOI Ede. Het lid bevordert in dat geval ook het overleg met een initiatiefnemer, zodat maatwerk kan worden geleverd.
**•.** Het plaatsen van een klein dakraam, waarbij wordt voldaan aan de uitgangspunten in de Leidraad MOOI Ede: bij de inpassing worden geen monumentale onderdelen van de kap onevenredig aangetast (gordingen, spanten, waardevolle dakbedekking), het dakraam past bij het (oorspronkelijke) karakter en gebruik van het monument, en de positie is zo mogelijk afgestemd op de architectuur van de aangrenzende gevel. Indien hieraan tegemoet is gekomen, kan advisering vanuit de CRK achterwege blijven.
Artikel 11.
Advies omgevingsvergunning gemeentelijk monument
Onderdeel van ERFGOEDVERORDENING GEMEENTE EDE 2017