Langdurige blootstelling aan geluid kan tot uiteenlopende gezondheidseffecten leiden. Hierbij wordt meestal een onderscheid gemaakt tussen welzijnseffecten, zoals hinder en slaapverstoring en klinische gezondheidseffecten, zoals gehoorschade en hart- en vaatziekten. De Wereldgezond-heidsorganisatie (WHO) en de Gezondheidsraad concluderen dat er voldoende bewijs is voor een verband tussen blootstelling aan geluid en effecten, zoals: hinder, slaapverstoring en verandering van de slaapkwaliteit (Berglund, Lindvall et al. 1999; Gezondheidsraad 2004).
Hinder
Hinder beïnvloedt het lichamelijk en geestelijk welbevinden en wordt daarom beschouwd als een gezondheidseffect. Mensen die hinder hebben van geluid ervaren vele verschillende effecten, zoals: kwaadheid, teleurstelling, ontevredenheid, hulpeloosheid, depressie, angst of agitatie. Verder kunnen ze ook stress gerelateerde symptomen hebben, zoals: vermoeidheid en buikklachten. Hinder kan al optreden vanaf geluidsniveaus van 42 dB(A) Lden. De mate van hinder wordt niet alleen bepaald door de geluidsbelasting, maar ook door niet-akoestische factoren, zoals het type geluid en de persoonlijke houding ten opzichte van het geluid (bijvoorbeeld beheersbaarheid, angst voor het geluid, verwachting ten aanzien van de toekomst). Het is daarom niet duidelijk aan te geven wanneer geluid verandert in lawaai: wat voor de één draaglijk is, vindt de ander hinderlijk. Het is wel zo dat hoe hoger de geluidsbelasting, hoe meer mensen hinder zullen ervaren.
Om geluidshinder te kwantificeren is onderzoek gedaan naar de dosis-effectrelatie tussen geluid en hinder. De relatie verschilt voor weg-, rail- en industrielawaai. Hieronder staat welke relaties de EU richtlijn voorschrijft om te gebruiken. Zo geldt bijvoorbeeld bij wegverkeer dat 21% van degenen die in de geluidsbelastingklasse 55 t/m 59 dB (jaargemiddelde over het hele etmaal) valt te beschouwen is als ‘gehinderd’, 8% is ‘ernstig gehinderd’. In bijlage 1 zijn deze percentages toegepast op de bevolking van Waddinxveen.
Opgemerkt wordt dat alle ernstig gehinderden eveneens gehinderd zijn, maar niet alle gehinderden ernstig gehinderd zijn.
Tabel 1 Verkeerslawaai – Dosis-effectrelatie (cumulatief)
dB
Lden [dB]
dB
Lnight [dB]
% gehinderden
% ernstig
gehinderden
% ernstig
slaapverstoorden
Wegverkeerslawaai
50-54
7
55-59
21
8
55-59
10
60-64
30
13
60-64
13
65-69
41
20
65-69
18
70-74
54
30
70+
20
75>
61
37
Railverkeerslawaai
50-54
3
55-59
12
3
55-59
5
60-64
19
6
60-64
6
65-69
28
11
65-69
8
70-74
40
18
70+
10
75>
47
23
Tabel 2 Industrielawaai - Dosis-effectrelatie (cumulatief)
dB
Lden [dB]
dB
Lnight [dB]
% gehinderden
% ernstig
gehinderden
% ernstig
slaapverstoorden
50-54
7
55-59
26
11
55-59
10
60-64
35
17
60-64
13
65+
40
24
65-69
18
70+
20
Slaapverstoring
In 2004 heeft de Gezondheidsraad een advies uitgebracht over de invloed van geluid op de slaap en gezondheid. Hierin wordt geconcludeerd dat nachtelijk geluid de slaapkwaliteit en het algemeen welbevinden nadelig beïnvloedt. Lawaai tijdens de slaap verstoort de herstelfunctie van de slaap. Dit kan leiden tot vermoeidheid en verminderde prestaties overdag. Onbedoelde beïnvloeding van de slaap door geluid is een probleem.
Overige effecten
De WHO concludeert dat cardiovasculaire effecten (hart- en vaatziekten) samenhangen met lange termijn blootstelling aan geluidsniveaus in de range van 65-70 dB. De Gezondheidsraad stelde dat er voldoende bewijs is voor een relatie tussen geluid overdag en hoge bloeddruk.
Gehoorschade
Gehoorschade is een gezondheidseffect dat een direct gevolg kan zijn van een te hoge geluidsbelasting. Gehoorschade kan optreden vanaf een geluidsbelasting van 70 dB Lden. Acute gehoorschade kan optreden vanaf 100 dB(A). De geluidsbelasting door wegverkeer, railverkeer, luchtverkeer en industrie voor omwonenden is over het algemeen niet van dien aard dat gehoorschade een reëel risico is.
Grens- en kwaliteitswaarden
De GGD hanteert op basis van kennis en ervaring met de gezondheidseffecten van geluid grens- en kwaliteitswaarden. In tabel 3 is een kwalitatieve beoordeling gegeven van de verschillende geluidsniveaus zoals de GGD die hanteert. Het niveau van 63 dB Lden kan gezien worden als een grenswaarde. Dit niveau en hoger moet zoveel mogelijk worden voorkomen. Het niveau van 48 dB Lden kan worden gezien als een streefwaarde voor leefbaarheid en bevordering van gezondheid (kwaliteitswaarde). Deze twee niveaus scheiden drie gebieden:
boven 63 dB Lden: vermijden;
tussen 48 en 63 dB Lden: afwegen;
beneden 48 dB Lden: bevorderen.
Het aanhouden van een grens- en kwaliteitswaarde is van belang bij het beschermen en bevorderen van de gezondheid van mensen. De keerzijde is dat het kan leiden tot normopvulling, als de belasting beneden de grenswaarde niet als problematisch wordt gezien en als aan de kwaliteitswaarde weinig belang wordt gehecht. In dat geval is het beter het ‘standstill’ beginsel aan te houden. Dit beginsel houdt in dat voor niemand de geluidsbelasting mag toenemen, maar wel mag afnemen.
Echte rust wordt bereikt bij 42 dB Lden en32 dB Lnight of lager. Dit geluidsniveau zou in landelijke en recreatiegebieden als grens gesteld kunnen worden, en kan in woongebieden als grens voor slaapverstoring worden gehanteerd.
Tabel 3 ‘Kwalificatie’ geluidsniveaus (geluidsbelasting aan de gevel)
Geluidsbelasting*zonder aftrek artikel 110g Wgh
Lden dB
Ernstig
gehinderden (%)
Geluidsbelasting
Lnight dB
Ernstig slaap-
verstoorden (%)
“kwalificatie"
<43
0
<34
<2
Zeer goed
43-47
0-3
34-38
2
Goed
48-52
3-5
39-43
2-3
Redelijk
53-57
5-9
44-48
3-5
Matig
58-62
9-14
49-53
5-7
Zeer matig
63-67
14-21
54-58
7-11
Onvoldoende
68-72
21-31
59-63
11-14
Ruim onvoldoende
≥73
≥31
≥64
≥14
Zeer slecht
Bron: Gezondheidseffectscreening-Gezondheid en milieu in ruimtelijke planvorming. Handboek voor een gezonde inrichting van de leefomgeving. GGD Nederland, versie 1.6 juni 2012
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4
Geluid en gezondheid
Onderdeel van Actieplan Richtlijn Omgevingslawaai 2018 – 2023