Indien aanslagen van verschillende gemeentelijke belastingen worden verenigd op één aanslagbiljet, worden deze in onderstaande volgorde ten name gesteld van de belastingplichtige die:
1. Ingevolge artikel 1 en artikel 2 kan worden aangewezen;
2. Ingevolge artikel 3 kan worden aangewezen;
3. Ingevolge artikel 4 kan worden aangewezen;
4. Ingevolge artikel 5 kan worden aangewezen.