Naar hoofdinhoud
1.. Klachten worden afgedaan door het bestuursorgaan wiens gedraging de klacht betreft. 2.. Klachten over de gedraging van een collegelid worden afgedaan door de burgemeester als voorzitter van het college. 3.. Klachten over de gedraging van de burgemeester als voorzitter van de gemeenteraad worden afgedaan door het Presidium. 4.. Klachten over de gedraging van de burgemeester als voorzitter van het college en als bestuursorgaan burgemeester worden afgedaan door de loco-burgemeester. 5.. Van de bevoegdheid tot het afdoen van klachten over bestuursorganen en over leden van het college kan geen mandaat worden verleend.

Rechtspraak bij dit artikel