Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Beoordelingsregeling griffiepersoneel

1 De voorlopige beoordeling wordt opgemaakt op een door het presidium vastgesteld beoordelingsformulier, welke als bijlage bij deze regeling is gevoegd. Dit gebeurt door op de beoordelingsstaat per gezichtspunt het oordeel in woorden weer te geven met het vermelden van feiten: gebeurtenissen en concrete gedragingen waarop de beoordeling is gebaseerd. Indien de ruimte op de beoordelingsstaat hiertoe niet toereikend is, wordt gebruik gemaakt van een aparte bijlage welke onderdeel vormt van het beoordelingsformulier. De beoordelingstekst wordt geïllustreerd met een score in de volgende betekenis: A = onvoldoende; B = matig; C = voldoende; D = (zeer) goed. 2 De beoordelaar kan zich bij het opmaken van de voorlopige beoordeling laten bijstaan en adviseren door de personeelsmanagementadviseur, waarbij deze echter geen verantwoordelijkheid draagt voor het resultaat van de voorlopige beoordeling. 3 De beoordelingsstaat en, indien gebruikt: de bijlage daarbij, worden ondertekend door de beoordelaar en dit wordt vermeld op het voorblad van het beoordelingsformulier.

Rechtspraak bij dit artikel