Het college verzamelt alle voor het onderzoek van belang zijnde en toegankelijke gegevens over de cliënt en zijn situatie.
Het college maakt zo spoedig mogelijk met de cliënt een afspraak voor een gesprek.
Voor het gesprek verschaft de cliënt het college alle gegevens en bescheiden die naar het oordeel van het college voor het onderzoek nodig zijn en waarover de cliënt redelijkerwijs de beschikking heeft of kan krijgen.
De cliënt geeft in ieder geval een identificatiedocument als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage.
Als de cliënt in relatie tot de aanvraag voldoende bekend is, kan het college met goedkeuring van de cliënt afzien van een onderzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid.
Het college meldt de cliënt de mogelijkheid om een ondersteuningsplan of budgetplan als bedoeld in artikel 2.3.2, tweede lid, van de wet op te stellen en stelt deze na de melding in de gelegenheid dit plan te overhandigen.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.2
Artikel 1.2.2
Onderzoek en indienen ondersteuningsplan of budgetplan
Onderdeel van Regeling Maatschappelijke Ondersteuning Den Haag 2018