1.. In aanvulling op hoofdstuk 2 (artikel 6 t/m 9) van de ASV gelden de volgende verplichtingen:

  • - De aanvraag dient te worden gedaan op basis van een reële inschatting van het aantal bezette peuterplaatsen (regulier en/of VVE) en de te factureren ouderbijdragen.
  • - De extra VVE-uren waarvoor de houder subsidie aanvraagt, mag de houder niet in rekening brengen bij de ouder.

2.. Onverminderd artikel 6 van de ASV overlegt de aanvrager bij de aanvraag om verlening van subsidie:

  • - een prognose van het aantal bezette peuterplaatsen regulier en/of VVE in het kalenderjaar waarvoor de aanvraag wordt ingediend. Hiervoor dient gebruik te worden gemaakt van een door het college vastgesteld formulier voor gemeentelijke peuteropvang;
  • - het nummer waaronder het kindercentrum in het LRK geregistreerd staat;
  • - een pedagogisch beleidsplan overeenkomstig het besluit.