1.. Het college kan subsidie verlenen aan een huurder die verhuist uit een grote sociale huurwoning naar een sociale huurwoning binnen een vorm van gemeenschappelijk wonen, een sociale huurwoning waarin de huurder gaat samenwonen, een sociale huurwoning buiten Amsterdam of een woning in een ander woningmarktsegment.

2.. Onder een grote sociale huurwoning wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan: een sociale huurwoning gelegen in Amsterdam met ten minste vier kamers of met drie kamers, als deze woning geschikt is of wordt gemaakt voor bewoning door een huishouden met drie of meer minderjarige kinderen.

3.. Onder kamer wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan: een ruimte die voldoet aan de eisen voor een vertrek die staan in Bijlage 1 van het Besluit huurprijzen woonruimte, met uitzondering van een ruimte die uitsluitend dient als keuken, badkamer of doucheruimte.

4.. Onder een sociale huurwoning binnen een vorm van gemeenschappelijk wonen wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan een sociale huurwoning gelegen in Amsterdam:

  • - die onderdeel uitmaakt van een woongroep of een beheer- of wooncoöperatie;
  • - die wordt gebruikt als mantelzorg- of meergeneratiewoning.

5.. Onder sociale huurwoning waarin de huurder gaat samenwonen wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan: een sociale huurwoning gelegen in Amsterdam, waarin het huishouden van de huurder een nieuw huishouden vormt met een ander huishouden.

6.. Onder woning in een ander woningmarktsegment wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan: elke andere woning dan een sociale huurwoning van een woningcorporatie in Amsterdam.

7.. De subsidie bedraagt:

  • - maximaal € 4.000 voor een huishouden dat een woning achterlaat met vier kamers of een woning met drie kamers als bedoeld in het tweede lid;
  • - maximaal € 4.700 voor een huishouden dat een woning achterlaat met vijf kamers;
  • - maximaal € 5.470 voor een huishouden dat een woning achterlaat met zes kamers;
  • - maximaal € 6.200 voor een huishouden dat een woning achterlaat met zeven of meer kamers.

8.. Het te verlenen bedrag wordt verminderd met subsidies en vergoedingen die op grond van andere regelingen voor de verhuizing worden ontvangen.

9.. In aanvulling op artikel 6 van de ASA worden bij de aanvraag de volgende gegevens aangeleverd:

  • - een getekend huur- of koopcontract van de nieuw betrokken woning;
  • - een door huurder en woningcorporatie getekend aanvraagformulier waaruit de samenstelling van het huishouden en het aantal kamers van de achtergelaten woning blijkt;
  • - indien van toepassing een kopie van de beschikking voor een Wmo-verhuiskostenindicatie;
  • - een plattegrond van de achtergelaten woning;
  • - een Woningwaarderingsstelsel-puntenrapport; en
  • - in geval de huurder een woning achterlaat met drie kamers als bedoeld in het tweede lid, een advies van de woningcorporatie waaruit blijkt dat de woning geschikt is of wordt gemaakt voor bewoning door een huishouden met drie of meer minderjarige kinderen.

10.. In aanvulling op artikel 6, eerste lid, wordt de subsidie geweigerd indien:

  • - de huurder geen grote sociale huurwoning achterlaat als bedoeld in het tweede lid;
  • - de huurder zich niet voorafgaand aan de huuropzegging heeft aangemeld bij de woningcorporatie waarvan de huurder de achtergelaten woning huurde; of
  • - de huurder verhuist naar een via woningruil gevonden sociale huurwoning