Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Maatregelen en toe te passen technieken mestbewerkingsinstallaties

Onderdeel van Beleidsregel van de gemeente Bladel houdende regels omtrent volksgezondheid en mestbewerkingsinstallaties

1. Onverminderd het bepaalde in artikel 4, verleent het college van burgemeester en wethouders slechts een vergunning voor een mestbewerkingsinstallatie indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: a. de aangevoerde mest dient vooraf gehygiëniseerd te zijn of binnen het mestbewerkingsproces binnen de inrichting te worden gehygiëniseerd; b. de aanvoer van drijfmest en dunne fracties dient met luchtdicht afgesloten transportmiddelen of via gesloten leidingen plaats te vinden; c. de aanvoer van vaste mest of dikke fractie dient plaats te vinden in afgesloten transportmiddelen; d. vaste mest en dikke fractie dienen te worden opgeslagen en verladen in een afgesloten procesruimte; e. gekanaliseerde emissies dienen te worden geleid in een luchtreinigingsinstallatie met een rendement ten aanzien van totaal stof van ten minste 85% onder representatieve bedrijfsomstandigheden; f. indien diffuse emissies kunnen ontstaan bij een installatie en bronafzuiging niet mogelijk is, dient deze installatie te zijn opgesteld in een procesruimte welke onder onderdruk wordt gehouden; g. indien bronafzuiging technisch en economisch mogelijk is, dient deze te worden toegepast; h. indien diffuse emissies kunnen ontstaan bij een bewerking van mest buiten een installatie en bronafzuiging niet mogelijk is, dient deze bewerking plaats te vinden in een procesruimte welke onder onderdruk wordt gehouden; i. alle ventilatielucht en afgezogen lucht dienen te worden geleid in een luchtreinigingsinstallatie met een rendement ten aanzien van totaal stof van ten minste 85% onder representatieve bedrijfsomstandigheden; j. indien vergisting wordt toegepast, worden de in dit proces vrijkomende gassen geleid via een warmtekrachtkoppelingsinstallatie, verbrandingsmotor of een luchtreinigingsinstallatie.; k. indien vergisting wordt toegepast dient een fakkel of andere maatregel te worden toegepast om vergistingsgas bij incidenten of onderhoud te verbranden. 2. Onder luchtreinigingsinstallatie wordt voor de toepassing van het eerste lid, onder j, ook verstaan een installatie ter opwaardering van de gasstroom naar aardgaskwaliteit ter levering aan het aardgasnet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel