het college van burgemeester en wethouders verbinden aan de vergunning tenminste de volgende voorschriften:
a. luchtreinigingsinstallaties dienen geschikt en toereikend gedimensioneerd te zijn;
b. de installatie dient te worden bedreven door een daartoe vakbekwame persoon/personen;
c. de mestbewerkingsinstallatie dient planmatig te worden onderhouden en de inrichting dient schoon te worden gehouden;
d. het proces dient zodanig te worden ingericht dat stofemissies in situaties waarin het systeem geheel of gedeeltelijk buiten werking is tot een uiterst minimum worden beperkt.