Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 7

De subsidieaanvraag

Onderdeel van SUBSIDIEREGELING PEUTEROPVANG EN VOORSCHOOLSE EDUCATIE GEMEENTE HARDENBERG 2019

1.. Instellingen die voor een subsidie peuteropvang en/of voorschoolse educatie in het kalenderjaar in aanmerking wensen te komen voor een subsidie op grond van artikel 6 lid 14 (subsidie peuterplaats peuteropvang) en lid 15 (subsidie peuterplaats VE in de peuteropvang) moeten jaarlijks voor 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar een subsidieaanvraag indienen. 2.. De aanvraag als bedoeld in lid 1 van dit artikel zijn voorzien van: een gespecificeerde opgave per voorziening (locatie) van: registratienummer landelijk register, locatienaam, adres en contactgegevens; het aantal kinderen voor wie in het kalenderjaar peuterplaatsen peuteropvang wordt aangevraagd, waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag als bedoeld in artikel 6 lid 2; het aantal doelgroeppeuters voor wie in het kalenderjaar peuterplaatsen voorschoolse educatie in de peuteropvang wordt aangevraagd (conform artikel 6 lid 15); het meest recent vastgestelde pedagogisch beleidsplan. een opgave van het voor het kalenderjaar geldende uurtarief; een opgave van de (verwachte) eigen bijdrage per peuterplaats peuteropvang en voorschoolse educatie met in achtneming van de door het college van burgemeester en wethouders voor het kalenderjaar op grond van artikel 6 lid 9 en 10 vastgestelde maxima; een verklaring dat wordt voldaan aan de bepalingen en verplichtingen van deze subsidieregeling. 3.. Burgemeester en wethouders nemen voor 1 januari van het kalenderjaar een besluit over de subsidieverlening. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen voor het indienen van aanvragen peuteropvang en/of voorschoolse educatie model aanvraagformulieren vaststellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel