Naar hoofdinhoud
Bij handhaving willen we komen tot een passende interventie bij iedere bevinding/overtreding met gebruikmaking van de in de landelijke handhavingsstrategie genoemde instrumenten. Een passende interventie wil zeggen dat de interventie, gegeven de verzamelde feiten en de beoordeling van de aard en/of omstandigheden van de overtreding en de overtreder, zo effectief en efficiënt mogelijk leidt tot snel herstel van de situatie van vóór de overtreding naleving waarborgt herhaling voorkomt en/of straft daar waar dit passend is of noodzakelijk om de overtreder tot naleven te bewegen, dan wel de norm te bevestigen. In het handhavingsproces zijn er twee beslispunten: Hoe wordt er opgetreden: alleen bestuursrechtelijk, bestuurs- én strafrechtelijk, of alleen strafrechtelijk? Welke interventie(s) wordt (worden) ingezet? Ad 1. Bestuursrechtelijk optreden is vooral gericht op het herstellen van de situatie, dat wil zeggen op het in overeenstemming brengen met de wet- en regelgeving. Strafrechtelijk optreden is vooral gericht op het straffen van de overtreder en het wegnemen van het voordeel dat hij met de overtreding heeft genoten. Bestuurs- en strafrechtelijk optreden dienen daarnaast allebei tot ontmoediging, ofwel tot individuele en algemene preventie. Omdat deze aspecten vaak tegelijk aan de orde zijn, is een weloverwogen inzet van het bestuursrecht en/of het strafrecht nodig. Ad. 2 De keuze van de in te zetten interventie(s) vindt plaats aan de hand van de in de landelijke handhavingsstrategie opgenomen interventieladder en interventiematrix, waarbij het snel herstellen van de situatie van voor de overtreding de eerste prioriteit is.

Rechtspraak bij dit artikel