Op de horizontale as van de matrix is er een rangschikking naar het soort overtreder en op de verticale as een rangschikking naar de ernst van het effect van de overtreding.
Stap 1. Positionering bevinding/overtreding in de matrix
De handhaver bepaalt in welk segment van de interventiematrix hij de bevinding positioneert door
het beoordelen van de gevolgen van de bevinding voor milieu, natuur, water, veiligheid, gezondheid en/of maatschappelijke relevantie van vrijwel nihil tot aanzienlijk, dreigend en/of onomkeerbaar
het typeren van het soort overtreder op basis van gedrag en handhavingshistorie (oplopend van goedwillend tot bewust en structureel crimineel).
Er kan sprake zijn van verzachtende of verzwarende argumenten. Bij verzachtende argumenten wordt de in de matrix geplaatste bevinding één segment naar links en één segment naar onder verplaatst. Bij verzwarende argumenten, waaronder recidive, is de verplaatsing één segment naar rechts en naar boven. Legalisatie kan een verzachtende omstandigheid zijn.
Stap 2. Bepalen verzwarende aspecten
De handhaver bepaalt of er verzwarende aspecten zijn, die moeten worden betrokken bij de afweging om het bestuursrecht en/of strafrecht toe te passen. Hoe meer verzwarende aspecten des te groter de reden om naast bestuursrechtelijk ook strafrechtelijk te handhaven.
Verzwarende aspecten zijn o.a.
Verkregen financieel voordeel (winst of besparing). De overtreder heeft financieel voordeel behaald of financieel voordeel halen was zijn doel
Status verdachte/voorbeeldfunctie. De overtreder is een regionaal of landelijk maatschappelijk aansprekende of bekende (rechts)persoon, een overheid, een toonaangevend brancheonderdeel of een persoon die een openbaar ambt bekleedt
Combinatie met andere relevante delicten. Andere handelingen zijn gepleegd om de feiten te verhullen, zoals valsheid in geschrifte, corruptie of witwassen
Waarheidsvinding. Soms kan strafrechtelijk optreden met toepassing van opsporingsbevoegdheden effectiever zijn. Bijvoorbeeld als uit een controle of inspectie blijkt dat er meer aan de hand is, maar de bestuursrechtelijke instrumenten ontoereikend zijn om de waarheid aan het licht te brengen.
Stap 3 Bepalen of overleg met politie en OM nodig is.
Als een situatie niet onder algemene afspraken valt, kan het nodig zijn om afzonderlijke afspraken te maken.
Stap. 4 Optreden met de interventiematrix.
De landelijke handhavingsstrategie gaat uit van het in principe zo licht mogelijk starten met interveniëren gericht op herstel, en het vervolgens snel inzetten van zwaardere interventies als naleving uitblijft. De handhaver gebruikt de interventiematrix zo:
Hij kijkt naar de interventies in het segment van de interventiematrix waarin hij de bevinding eerder met behulp van stap 1 heeft gepositioneerd
Hij kiest voor de minst zware (combinatie) van de in het betreffende segment opgenomen interventies, tenzij er redenen zijn om te concluderen dat een andere (combinatie van) interventie(s) in de betreffende situatie passender is. De interventies in de (segmenten van de) matrix lopen van beneden naar boven op in zwaarte.
Stap 5 -Vastleggen.
De doorlopen stappen en genomen beslissingen worden verifieerbaar en transparant vastgelegd volgens de binnen de gemeente geldende administratieprocedures en –systemen
Hoofdstuk › Paragraaf 6.
Artikel 6.5.2