Naar hoofdinhoud
Vanwege de vruchtbare löss was het gebied in de Middeleeuwen en Nieuwe tijd goed ontwikkeld. Het was een plek voor heerlijkheden en buitenplaatsen van adel, maar ook voor de boerenhoeven van het gewone volk. De bestaande en verdwenen kastelen, kerken, abdijen, molens, boerenerven en zelfs hele dorpskernen uit deze perioden kunnen ondergrondse archeologische resten herbergen. De bewoningsplekken worden vaak al vele eeuwen gebruikt. Gebouwen zijn verrezen, gesloopt en verbouwd, waarbij ondergrondse restanten vaak als getuige van vroegere bouwfasen bewaard zijn gebleven. In sommige gevallen is ook de huidige bebouwing zo oud, dat de gebouwen en omliggende erven naast een bouwhistorische ook een archeologische waarde hebben. De parels uit deze tijd liggen verspreid over het gebied. Het betreft onder andere: Mottes: Een motte of kasteelheuvel is een kunstmatig opgeworpen heuvel omgeven door een gracht waarop een versterkte wacht-, verdedigings- of uitzichttoren stond. Het betreft veelal voorlopers van kastelen. In Heerlen is o.a. een motte bekend (motte ten Eschen), in Onderbanken (motte Vossenberg, motte Roer en motte Etzenrade) en in Voerendaal (abschnittsmotte Struven, motte Dammerscheid). Ook de kerk van Simpelveld ligt mogelijk op een motte (informatie dhr. L. Wolters (Historie present)). Oude foto’s van de kerk van vóór de verbouwingen in de jaren twintig en dertig tonen de kerkbouw op een substantiële verhoging (Wolters, 2003). Kastelen en versterkingen: In het gebied is een opvallend groot aantal kastelen en versterkingen aanwezig. Bekend zijn onder andere kasteel Schaesberg en Strijthagen (Landgraaf), kasteel Hoensbroek (Heerlen), Huis Oelbroek (Nuth), Rivieren (Voerendaal) en Voormalig Landsfort Herle, een grote middeleeuwse versterking (Heerlen). In Bocholtz ligt kasteel De Bongard. Dit kasteel is in de 16e eeuw gebouwd op de fundamenten van een voorganger uit de 14e eeuw. Een deel van de historische kernen gaat tot de Middeleeuwse tijd terug, zoals het Middeleeuwse Adam van Nut-tahof (historische centrum van Nuth), de historische kern van Kerkrade met de resten van een gracht (in 2014 ontdekt in het centrum van Kerkrade), de historische kern van Voerendaal die recentelijk in ruimere context is onderzocht, de historische kern van Waubach en het Landsfort Herle. In het centrum van Simpelveld (Markt-Marktstraat-Kloosterstraat) vond in 2009 een archeologische onderzoek plaats, waarbij naast Romeinse vondsten, ook Vroegmiddeleeuws (Merovingisch) en Middeleeuws aardewerk werd aangetroffen. De vondsten duiden op een mogelijke continuiteit van bewoning vanaf de Romeinse tijd (Aarts, e.a., 2013). Het historische wegenpatroon van (veld)wegen, die de verschillende plekken met elkaar verbond, is ook nu nog soms herkenbaar in het landschap aanwezig. Graven: Bij Villa Voerendaal zijn niet allen resten uit de Romeinse tijd opgegraven, maar ook resten uit de periode die direct daarop volgt, de Vroege Middeleeuwen. Tijdens de opgravingen van het villaterrein werden tevens ‘als bijvangst’ de resten aangetroffen van een 7-tal graven uit de Vroege Middeleeuwen (Merovingische periode) tot de 7e eeuw. In de gemeente zelf werd in 1924 aan de Rolduckerweg eveneens een (mogelijk) merovingisch grafveld ontdekt, waarbij onder andere twee zwaarden en spitsbuikig aardewerk (“knikwandpotten”) werden gevonden (Franssen, 1997). Middeleeuwese kerken en kloosters, zoals de vroegere abdij Kloosterrade Rolduc (Kerkrade), het Clemenskerkje in Merkelbeek (Brunssum), de Pancratiuskerk in Heerlen, het ‘Kleine kerkje’ in Eyghelshoven en de St. Gre-goriuskerk (Unitas) in Brunssum. De kerk St. Jacobus de Meerdere in Bocholtz met zijn oude Gasthuis werd vaak bezocht op weg naar Santiago De Compostella (bron: o.a. Heemkundevereniging de Bongard). In Parkstad zijn veel historische hoeven aanwezig. Een aantal mooie voorbeelden betreft hoeve Wissegracht (gemeente Nuth), hoeve Laathof (Eygelshoven, Kerkrade), het middeleeuwse Onderste Hof (gemeente Brunssum), de hoeven Kaardenbeek en Bokhof (gemeente Voerendaal), Hoeve de Geleenhof (Heerlen) en de verdwenen hoeve Roer (gemeente Onderbanken). Ook in de gemeente Simpelveld staan nog vele oude hoeven met een rijke geschiedenis, zoals de monumentale hoeven aan de Bulkemstraat (o.a. het boerderijcomplex St. Nicolaashoeve), hoeve Scholtissenhof, hoeve Hei-hof en de oude kasteelhoeve Overhuizen (bron: o.a. Heemkundevereniging de Bongard). Ook watermolens zijn in Parkstad goed vertegenwoordigd, zoals de Strijthagermolen (Landgraaf), de Baalsbruggermolen (gemeente Kerkrade), de watermolens bij de Caumerbeek in het Aambos (gemeente Heerlen) en de Broek- of Brugmolen bij kasteel Erenstein (gemeente Kerkrade). Ook in Simpelveld herinnert de oude molen nog aan dit oude ambacht. De molenvijver hiervan is nog deels herkenbaar op het Doc. Poelplein. De watermolen in de Bulkum is helaas niet meer aanwezig. In Bocholtz herinnert een schilderij nog aan de voormalige Boerenbondsmolen en is een café in de Wilhelminastraat vernoemd naar de Mölle. Resten van de Middeleeuwse pottenbakkersindustrie: Het waren al de Romeinen die ontdekten dat de klei van de Roode beek (Brunssnum, Onderbanken/Schinveld) voor industriële doeleinden geschikt was. Er ontstond een keramische industrie, die tot na de Middeleeuwen is blijven bestaan (zie paragraaf 2.2.4). De Middeleeuwse handelsweg – ‘de wijngracht’ genaamd – doorsnijdt Kerkrade en betreft een grote handelsweg die Keulen en Maastricht met elkaar verbond. In de plaatselijke straatnaamgeving zijn sporen hiervan nog terug te vinden (de ‘Wijngracht’). Wijn was de voornaamste handelswaar die vanuit Keulen over de weg werd vervoerd. Ter plaatse moest de weg over een steile helling naar beneden; deze was gedeeltelijk uitgespoeld, zodat de weg als het ware via een ‘gracht’ omlaag liep. Ook in Bocholtz is er een Wijngracht, maar of deze met het vervoer van wijn te maken heeft, wordt sterk betwijfeld. In Simpelveld loopt de wijngracht (Wijnstraat genoemd) langs een doorgaande handelsroute, waardoor een dergelijke functie meer voor de hand ligt (bron: o.a. Heemkundevereniging de Bongard). Landgraaf of landweer ‘Boebegraaf’ op de Brunsummerheide (lijnelement Onderbanken-Brunssum-Heerlen-Landgraaf): een lijnvormige aarden grenswal en of diepe sloot met vaak een doornenhaag. Deze diende ter bescherming van een streek tegen vijandige invloeden van buiten. De landgraaf op de Brunssummerheide is nog over een lengte van circa 1 kilometer intact en bestaat uit twee wallen met een spitsgracht ertussen. In Bocholtz ligt een kilometers lange landgraaf met Aken langs een mooi wandelgebied, namelijk vanaf de drieherensteen (in de buurt van grenssteen nr. 212) tot aan villa Vlengendaal (bron: o.a. Heemkundevereniging de Bongard).

Rechtspraak bij dit artikel