De gemeente voert zowel een actief als faciliterend grondbeleid. Dit is afhankelijk van de situatie. In de vigerende Nota Grondbeleid 2013-2017 is voor de grondbeleidskeuze de volgende beleidsregel opgenomen: de gemeente kiest per ruimtelijke ontwikkeling welke vorm van grondbeleid ze wil voeren. Daarbij hanteert ze de volgende kaders:
- - Bij initiatieven die uit de samenleving komen, neemt de gemeente een faciliterende houding aan.
- - Actief grondbeleid is alleen aan de orde als:
- - eigen initiatieven van de gemeente voor ruimtelijke ontwikkeling niet worden opgepakt door de samenleving,
- - ter ondersteuning van door de samenleving ontplooide initiatieven die niet of onvoldoende van de grond komen,
- - voorwaarde voor het voeren van actief grondbeleid is dat dit alleen gebeurt als de gemeente hierdoor geen onaanvaardbare financiële risico’s loopt.
- - De keuze voor een meer faciliterende of meer actieve houding wordt expliciet vastgelegd in de besluitvorming rondom de desbetreffende ontwikkeling.
De huidige Nota grondbeleid is geschreven in een periode van de financiële crisis en recessie (2008-2014) en geeft kleuring aan de context en het geformuleerde beleid. Op dit moment is juiste sprake van een groeiende economie en een grote vraag naar woningen. In die zin sluit de positionering van de huidige Nota Grondbeleid niet meer volledig aan bij de actuele situatie. Ook is er nieuwe wetgeving, zijn er landelijke ontwikkelingen en nieuwe lokale beleidskaders en lokale toekomstige ontwikkelingen, die een relatie hebben met de Nota Grondbeleid. Daarnaast streeft de gemeente naar een integraal document, waarin naast de algemene kaders ook de financiële uitgangspunten zijn opgenomen. Dat vraagt in 2019 om een nieuwe Nota Grondbeleid met een meer dynamisch en situationeel karakter.
Bij faciliterend grondbeleid heeft de gemeente instrumentarium tot haar beschikking om de door de gemeente te maken kosten te kunnen verhalen op marktpartijen en particulieren bij ruimtelijke plannen. Met de komst van de Wet ruimtelijke ontwikkeling per 1 juli 2008 hebben gemeenten sindsdien meer mogelijkheden gekregen om te sturen op de ontwikkeling van ruimtelijke plannen en vooral het verhalen van kosten in geval van een private grondexploitatie. De gemeente is bij de realisatie van bouwplannen door particulieren verplicht om kosten te verhalen en mag daarvan niet afzien.