**1..** Naast de verplichtingen op grond van artikel 10 en 11 van de ASA 2013, zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden:
de subsidieontvanger voldoet aan alle voorschriften voor de basiskwaliteit van kindercentra, gesteld bij of krachtens de WKO;
de subsidieontvanger voldoet aan de voorschriften gesteld bij of krachtens het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.
**2..** In aanvulling op de verplichtingen als genoemd in het eerste lid, zijn aan de subsidie voor het aanbieden van voorschoolse educatie, zoals bedoeld in artikel 4, lid 1 onder b en lid 2, de volgende verplichtingen verbonden:
de gedurende de gesubsidieerde periode instromende beroepskrachten voorschoolse educatie voldoen aan de Amsterdamse norm voor startbekwaamheid, dan wel zijn hiervoor in opleiding;
de hbo’er in de voorschool wordt ingezet voor het realiseren van de Amsterdamse kwaliteitsvoorwaarden voor voorschoolse educatie en beschikt over de hiervoor relevante kennis en vaardigheden. Deze inzet is uitsluitend in aanvulling op de pedagogisch beleidsmedewerker bedoeld in het Besluit kwaliteit kinderopvang;
de subsidieontvanger maakt aantoonbaar gebruik van een in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut opgenomen methode voor voorschoolse educatie en een daarop aansluitend kindvolgsysteem;
de subsidieontvanger draagt er voor zorg dat elk Amsterdams kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar in de groep per jaar 640 uur voorschoolse educatie, evenredig verspreid over de openingsweken en met een maximum van zes uur per dag, kan afnemen;
de subsidieontvanger draagt ervoor zorg dat kinderen, in het bijzonder doelgroep-kinderen, zoveel mogelijk van het aanbod voorschoolse educatie gebruik maken;
de subsidieontvanger registreert ieder kind dat deelneemt of gaat deelnemen aan voorschoolse educatie in het Elektronisch Loket VVE. De subsidieontvanger zorgt ervoor dat de gegevens in het Elektronisch Loket VVE actueel zijn en blijven;
De subsidieontvanger plaatst geen kinderen tussen 2 en 4 op een wachtlijst wanneer er geen zicht is op plaatsing binnen een redelijke termijn. Indien een kind op de wachtlijst na herhaalde pogingen vanuit de organisatie niet geplaatst kan worden, verwijst de subsidieontvanger het betreffende kind terug naar het Ouder en Kindteam zodat het kind naar een andere voorschool kan gaan.
in elke groep worden minimaal acht kinderen in de leeftijd van 2 tot 4 jaar opgevangen;
de subsidieontvanger neemt op verzoek van de gemeente deel aan onderzoek dat is gerelateerd aan het doel waarvoor de subsidie is verleend.
**4..** In aanvulling op de verplichtingen als genoemd in het eerste lid, sub a, zijn aan de subsidie als bedoeld in artikel 4, lid 3 de volgende verplichtingen verbonden:
alle in te zetten beroepskrachten voldoen aan de Amsterdamse taalnorm voor voorschoolse educatie;
de subsidieontvanger spant zich in om binnen een ontwikkelaanbod op maat, zoals bedoeld in het beleidsplan, zo mogelijk daadwerkelijk voorschoolse educatie, aan te bieden;
de subsidieontvanger beschikt over een in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut opgenomen methode voor voorschoolse educatie en een daarop aansluitend kindvolgsysteem;
de subsidieontvanger voldoet aan de Amsterdamse kwaliteitseisen op organisatieniveau of werkt hiernaartoe volgens een plan dat naar het oordeel van het college voldoende vooruitzicht biedt op het voldoen hieraan.
Hoofdstuk 5
Artikel 10