Lid 1.Voor de berekening van het recht op een minimavoorziening wordt gebruik gemaakt van de van toepassing zijnde bijstandsnorm voor de alleenstaande of gezin zoals gesteld in artikel 1, onderdeel b.
Lid 2. Bij een alleenstaande ouder wordt een inkomensgrondslag gehanteerd van 90% van de bijstandsnorm voor gehuwden of daarmee gelijkgestelden.
Lid 3. Als er in het huishouden een of meerdere inwonende volwassen kinderen aanwezig zijn dan kunnen zij individueel een aanvraag doen voor een minimavoorziening. Voor de berekening van het rechtop een minimavoorziening wordt gebruik gemaakt van de van toepassing zijnde bijstandsnorm zoals omschreven in lid 1 van dit artikel.
Hoofdstuk 1
Artikel 2
Berekening inkomensgrens minimavoorzieningen
Onderdeel van BELEIDSREGELS MINIMAVOORZIENINGEN EN BIJZONDERE BIJSTAND GEMEENTE DEN HAAG 2015