Geldig vanaf 1 juli 2020
1. Omschrijving
Onder behandeling valt alle gecontracteerde jeugdhulp die gericht is op een methodische aanpak van ontwikkelings- en gedragsproblematiek van jeugdigen in de context van het netwerk (voorheen J&O, (dag)behandeling LVB en VG en jeugd GGZ).
Behandeling is gericht op het herstel, genezing, ontwikkeling, stabiliseren en/of hanteerbaar maken van het probleem of de vraag. Het gaat om het hoe te kunnen leven en mee te kunnen doen in de maatschappij. Daar hoort het plakken van ‘een etiketje’ niet bij. Het hebben van een diagnose is niet leidend maar kan in bepaalde gevallen wel ondersteunend werken. Het belangrijkste is dat gekeken wordt naar wat de jeugdige nodig heeft.
2. Afwegingskader
De voorwaarden die gehanteerd worden bij het bepalen of er noodzaak bestaat voor ondersteuning in de vorm van behandeling variëren per product en staan vermeld bij de Productsoorten. Afschaling, inzet van lichtere zorgproducten en samenwerking in de keten is het uitgangspunt.
3. Uitgangspunten
Onderstaande uitgangspunten zijn van toepassing bij Behandeling
• Wij werken hierbij vanuit de uitgangspunten van 'pijlers van positieve gezondheid' en 'de nieuwe GGZ'.
• Dat de hulpverlening ambulant werkt, in een groep of in de leefomgeving van de jeugdige is.
• Zo kortdurend en zo nabij als mogelijk met een duidelijke begin- en eindtijd.
• Er wordt uitgegaan van een integrale aanpak van de problematiek, zowel thuis, op school als buitenshuis.
• Zo licht mogelijk: uitgangspunt is dat behandeling kortdurend is en dient zo snel mogelijk afgeschaald te worden door het aantal uren te verminderen en/of het inzetten van een zo licht mogelijk behandelingsproduct. De aanbieder kan hierin ook initiatief nemen.
4. Productsoorten
Jeugdhulp-behandeling kent een onderscheid in producten behandeling individueel en behandeling groep. Op basis van een inschatting waaruit blijkt waar het beste de gestelde doelen behaald kunnen worden of waaruit blijkt wat het beste bij de jeugdige past, wordt behandeling groep of individueel ingezet. Het is uiteraard ook mogelijk om een combinatie van individuele- en groepsbehandelingsmethodieken in te zetten om de gestelde doelen te behalen. De behandeling kan zowel bij de aanbieder als ook in de thuissituatie plaatsvinden.
Met ingang van 1 juli 2020 wordt er gewerkt met onderstaande productsoorten.
4.1. Behandeling A
Doel
Individuele behandeling is gericht op het opheffen, het verminderen of het accepteren van de problematiek, om terugval of hernieuwde klachten zo veel mogelijk te voorkomen en om de veerkracht van kind en ouders/verzorgers te herstellen en eventueel over te gaan naar een lichtere vorm van zorg (bijv. begeleiding).
Omschrijving
Behandeling A omvat de behandeling van jeugdige met lichte ontwikkelings- en/of gedragsproblemen die zich voordoen binnen het gezin en het netwerk.
Hierbij is sprake van problematiek waarbij de hulpvraag veelal één of twee leefgebieden betreft. De balans tussen beschermende- en risicofactoren is positief. De kindfactoren worden beïnvloed zodat de jeugdige zich zo leeftijdsadequaat mogelijk ontwikkelt en functioneert. Daarnaast wordt het inzicht van opvoeders en betrokkenen in de kindfactoren van de jeugdige vergroot en worden manieren geleerd om zijn ontwikkeling optimaal te stimuleren.
Er is sprake van een hoge mate van zelfstandigheid van de jeugdige, passend bij de leeftijd en ontwikkelingsniveau, maar bijsturing is gewenst. Goede samenwerking is mogelijk tussen aanbieder, jeugdige en het netwerk. De jeugdige is met praten bij te sturen, staat open voor ondersteuning en heeft lerend vermogen. De vraag is veelal gericht op de jeugdige en opvoeding. Het netwerk van de jeugdige wordt betrokken bij de behandeling van de jeugdige en de vaardigheden van het netwerk wordt versterkt.
4.2 Behandeling B
Doel
Behandeling is gericht op de ontwikkeling van de jeugdige en het verbeteren van zijn gedrag of oplossen van psychische problemen. Mogelijk kan de ondersteuning overgaan in een lichtere vorm zoals begeleiding.
Omschrijving
Dit product omvat de behandeling van jeugdige met matige ontwikkelings- of gedragsproblemen die zich voordoen binnen het gezin en het netwerk. Hierbij is veelal sprake van problematiek waarbij de vraag twee of drie leefgebieden betreft.
De balans tussen beschermende en risicofactoren is gematigd positief.
De behandelaar levert een wezenlijke bijdrage aan het stabiliseren en indien mogelijk - oplossen van de problematiek of vraag en het psychisch lijden en/of gedragsproblemen van de jeugdige. Dit gebeurt door het bieden van duurzame zorg en behandeling aan de jeugdige en of het leefsysteem, het stimuleren van de ontwikkeling, het versterken van opvoedvaardigheden, het leren omgaan met gedrag van het jeugdige en toezicht hierop houden. Het kan gaan om jeugdige met een stabiele psychische- of gedragsproblematiek waarvoor geen inzet van wo+ of wo++ professional of specialistische zorg nodig is.
4.3 Behandeling C
Doel
De behandeling is gericht op het herstel van de ontwikkeling, het zorgen voor gedragsverandering, het organiseren van perspectief, het versterken van (opvoed)vaardigheden van de ouder(s) en netwerk, het leren omgaan met gedrag van het jeugdige en hierop toezicht houden en het organiseren van terugvalpreventie. Het functioneren van het leefsysteem kan problematisch zijn en kan een gezonde ontwikkeling van het jeugdige in de weg staan. Daarom wordt in de behandeling het leefsysteem meegenomen.
Omschrijving
Dit product omvat de behandeling van jeugdige met complexe ontwikkelings- of gedragsproblemen. Dit product wordt ingezet als er sprake is of een vermoeden van een stoornis of een probleem of vraag met een hoge mate van complexiteit en/of gemiddeld risico.
Onder complexiteit wordt verstaan het samengaan van problemen op minimaal drie leefgebieden binnen het gezin of netwerk van de jeugdige en verschillende vraagstukken of stoornissen (co-morbiditeit), zoals psychiatrische problematiek in relatie tot een lichamelijke ziekte, verslaving, persoonlijkheid etc.
De relatie tussen jeugdige en ouders kan complex dan wel verstoord zijn. Er is sprake van veelal meervoudige klachten waarbij de vraag meerdere leefgebieden betreft. De problematiek stagneert de ontwikkeling van de jeugdige en gaat gepaard met disfunctioneren op meerdere leefgebieden.
4.4 Behandeling D
Doel
De behandeling is altijd gericht op een (zeer) intensieve behandeling, die multidisciplinair ingebed is, gericht op herstel, het zorgen voor gedragsverandering, het organiseren van perspectief, het versterken van opvoedvaardigheden van het netwerk en leefsysteem, het leren omgaan met gedrag van de jeugdige hierop toezicht houden, het geven van sturing en het organiseren van terugvalpreventie.
Omschrijving
Dit product omvat de behandeling van jeugdige ten gevolge van psychiatrische problematiek of stoornis en/of gedragsproblematiek in combinatie met de behoefte aan ondersteuning vanuit de ouders ten gevolge van opgroei- en opvoednood. De jeugdige hebben zonder uitzondering een ontwikkelingsachterstand. Veelal is er al een achterstand ontstaan in de neurologische ontwikkeling van het brein met daardoor achterstand op sociaal en emotioneel gebied. De relatie tussen jeugdige en ouder(s) is daardoor vaak complex. Deze ontwikkelingsachterstand resulteert vaak in een dwangmatige manier van controle over het leven en dat kan zich dan uiten in heftige depressies, angsten, verslaving, anorexia, suïcide, zelfbeschadiging of letsel voor derden.
Er is sprake van een aaneenschakeling van zware (meervoudige) klachten waarbij de vraag meerdere leefgebieden betreft. Er is een hoog risico op crisis of er zijn veiligheidsrisico’s aanwezig.
4.5 Behandeling A groep
Doel
Groepsbehandeling is gericht op het opheffen, het verminderen of het accepteren van de problematiek, om terugval of hernieuwde klachten zo veel mogelijk te voorkomen en om de veerkracht van kind en ouders/verzorgers te herstellen en eventueel over te gaan naar een lichtere vorm van zorg (bijv. begeleiding).
Omschrijving
Op basis van een stagnerende (kind)ontwikkeling wordt op verschillende ontwikkelingsgebieden in beeld gebracht wat het ontwikkelperspectief is van een kind. Indien de ontwikkeling van het kind in een reguliere setting stagneert, wordt op basis hiervan hulp en behandeling op het gebied van zelfredzaamheid, sociale en cognitieve ontwikkeling van het kind ingezet, waarbij de context van de groep het middel is in de ondersteuning en behandeling. Stabilisatie en reductie van gedragsproblematiek in een aangepaste veilige en beschermde omgeving (altijd multidisciplinair ingebed).
4.6 Behandeling B Groep
Doel
Groepsbehandeling is gericht op de ontwikkeling van de jeugdige en het verbeteren van zijn gedrag of oplossen van psychische problemen. De ondersteuning is in principe kortdurend en gericht op het leefsysteem van de jeugdige. Mogelijk kan de ondersteuning overgaan in een lichtere vorm zoals begeleiding.
Omschrijving
Groepsbehandeling is gericht op basale behoeftes en sluit aan bij het ontwikkelingsniveau van jeudige. De multidisciplinaire behandeling is niet (uitsluitend) gericht op compleet herstel van de problematiek, maar op verbeterstappen, het voorkomen van verergering van gezondheid of stabilisatie hiervan.
Dit gebeurt door het bieden van duurzame zorg en behandeling aan de jeugdige in een veilige en beschermde omgeving.
Groepsbehandeling is ook gericht op de behandeling van jeugdige met complexe problematiek en ontwikkelingsachterstand in combinatie met gedragsproblemen. Deelname aan onderwijs is (nog) te gecompliceerd. Er is een grote discrepantie tussen kunnen en aankunnen: een grote sociaal-emotionele kwetsbaarheid. In de thuissituatie wordt de benodigde aanpak getraind.
Omschrijving dyslexie
Voor het product Dyslexie werken we met het Landelijk Protocol Dyslexie. Dyslexie is opgesplitst in twee producten namelijk diagnose en behandeling. Conform de Jeugdwet komen alleen kinderen met Ernstige Dyslexie (ED) in aanmerking voor financiering van hun behandeling. Kinderen met minder ernstige taal- en spellingsproblemen dienen op de school te worden behandeld.
Doelgroep
Alleen jeugdigen tussen de 7 en 12 jaar komen in aanmerking voor diagnose en behandeling.
Een voorwaarde is dat de jeugdige ten tijde van de aanmelding ingeschreven staat op de basisschool. De dyslexiezorg wordt niet gestart nadat de jeugdige 13 jaar is geworden.
4.7 Diagnose Dyslexie
Doel
Het diagnostisch proces heeft als doel om te komen tot een oordeel of een jeugdige ernstige dyslexie heeft.
Omschrijving
Het stellen van een diagnose omvat alle activiteiten gericht op verduidelijking van de klachten en van de zorgvraag en wordt afgerond met een advies, eventueel in de vorm van een behandelplan. Het diagnostisch proces omvat in ieder geval intake & screening, het verwerven van informatie van eerdere behandelaars en schoolanamnese.
Bij aanvang diagnose zijn er vermoedens bij een jeugdige van ernstige dyslexie. Ernstig wil zeggen dat de school al extra intensieve hulp geboden heeft, maar dat er nauwelijks verbetering in de lees- en spellingproblemen bij de jeugdige zichtbaar zijn. Hardnekkigheid van de problematiek moet zijn aangetoond. Voorwaarden is dat de jeugdige bij drie verschillende toetsmomenten drie keer E heeft gescoord (Landelijk Protocol Dyslexie). Wat de verantwoordelijkheid van school is, staat beschreven in het Landelijk Protocol Dyslexie.
Aantal uren
De diagnosefase bestaat uit maximaal 12 uur per jeugdige. De maximaal duur van de diagnosefase is 5 maanden. Uitgangspunt is dat geen verlengingen worden verleend. Alleen in zéér uitzonderlijke gevallen kan verlenging van de diagnosefase plaatsvinden. De aanbieder motiveert/onderbouwt het verzoek tot verlenging door middel van een aangeleverd plan van aanpak.
4.8 Behandeling Dyslexie
Doel
Het doel van een dyslexiebehandeling is het behalen van een voldoende niveau van technisch lezen en spellen uitgedrukt in gangbare eisen en criteria passend bij de leeftijd, schoolniveau en/of beroepsperspectief van de jeugdige en een voor de jeugdige acceptabel niveau van zelfredzaamheid.
Omschrijving
Na afronding van de diagnosefase dyslexie is vastgesteld of er bij de jeugdige sprake is van ernstige, dyslexie. Zo ja, dan komt de jeugdige in aanmerking voor een behandeling van ernstige dyslexie. Door de behandeling worden de leesvaardigheid en de spellingvaardigheid vergroot. De behandeling is er op gericht om een voldoende niveau van technisch lezen en spellen te bereiken en het kind te leren omgaan met de dyslexie.
Aantal uren
De behandeling bestaat uit maximaal 60 uur per jeugdige. De duur van de behandeling is maximaal 18 maanden. Uitgangspunt is dat geen verlengingen worden verleend. Alleen in zéér uitzonderlijke gevallen kan verlenging van de behandeling plaatsvinden. De aanbieder motiveert/onderbouwt het verzoek tot verlenging door middel van een aangeleverd plan van aanpak.
Omschrijving consultatie
Doel
Consultatie heeft als doel betere inzichten te verschaffen in de problematiek of vraagstelling van de jeugdige en/of het gezin zonder dat (behandel)verantwoordelijkheid wordt overgedragen of gedeeld. De consultatiefunctie richt zich op het snel en flexibel inzetten van kortdurende (specialistische) ondersteuning en specifieke expertise om zo een traject of een behandeling van een jeugdige voort te zetten zodat deze niet over gaat naar een andere aanbieder of zwaardere zorg.
Met de inzet van dit product moet overdracht van de jeugdige naar een andere aanbieder worden voorkomen, wordt voorkomen dat een jeugdige op een wachtlijst bij een andere aanbieder komt, op tijd worden overgedragen wanneer een andere aanbieder qua specialisme beter aansluit bij de hulpvraag van de jeugdige en samenwerking bevordert.
Omschrijving
Complexere problematiek bij jeugdigen kan de behoefte doen ontstaan collega’s van andere aanbieders te consulteren. De consultaties hebben dan tot doel betere inzichten te verschaffen over de benodigde (behandel) aanpak. Hiermee stijgt de kwaliteit en effectiviteit van de zorg.
Bij consultatie gaat het om advies of kortdurende inzet van (een specialist bij) een aanbieder op basis van een concreet vermoeden of een duidelijk omschreven vraag van een andere aanbieder of van het lokale team.
4.9 Consultatie A
Dit product kan alleen ingezet worden:
• Ter ondersteuning van een bestaand(e) traject/behandeling van een jeugdige bij een andere aanbieder of rechtstreeks vanuit het lokale team. De geconsulteerde aanbieder is nog niet bij de jeugdige betrokken en heeft dus geen toewijzing voor het leveren van zorg of ondersteuning aan de betreffende jeugdige. Voorbeelden zijn dossieronderzoek, second opinion, het bijwonen van een multidisciplinair overleg, observatie of video-feedback.
4.10 Consultatie B
Dit product kan ingezet worden:
• Ter ondersteuning van een bestaand(e) traject/behandeling van een jeugdige bij een andere aanbieder of rechtstreeks vanuit het lokale team. De aanbieder is nog niet bij de jeugdige betrokken en heeft dus geen toewijzing voor het leveren van zorg of ondersteuning aan de betreffende jeugdige. Voorbeelden zijn dossieronderzoek, second opinion, het bijwonen van een multidisciplinair overleg, observatie (video-feedback), een quick scan naar de oorzaak van de stagnerende ontwikkeling en advies gegeven op een mogelijk verstoorde ontwikkeling.
• Gedurende het eerste jaar na afsluiten van het behandeltraject (nazorg). Het betreft laagintensieve ondersteuning bedoeld om de jeugdige te volgen en tijdig problemen te signaleren. Bijvoorbeeld als een jeugdige na het aflopen van de behandeling een terugval heeft of er is behoefte aan kortdurend contact met de 'oude' behandelaar. Doel is het voorkomen van stagnatie/terugval in de ontwikkeling.
• Dit product wordt ingezet op verzoek van de jeugdige of het betrokken netwerk.
• De inzet heeft - in relatie tot de afsluiting van een behandeltraject - een maximumduur van 6 uur per jaar.
Consultatie B is qua inhoudt hetzelfde als Consultatie C. Het verschil zit hem echter in het opleidingsniveau van de werkzame professionals. Bij Consultatie B is dat WO, bij Consultatie C is dat WO+ of Wo++.
4.11 Consultatie C
Dit product kan ingezet worden:
• Ter ondersteuning van een bestaand(e) traject/behandeling van een jeugdige bij een andere aanbieder of rechtstreeks vanuit het lokale team. De aanbieder is nog niet bij de jeugdige betrokken en heeft dus geen toewijzing voor het leveren van zorg of ondersteuning aan de betreffende jeugdige.
Voorbeelden zijn dossieronderzoek, second opinion, het bijwonen van een multidisciplinair overleg, observatie (video-feedback), een quick scan naar de oorzaak van de stagnerende ontwikkeling en advies gegeven op een mogelijk verstoorde ontwikkeling.
• Gedurende het eerste jaar na afsluiting van het behandeltraject (nazorg). Het betreft laagintensieve ondersteuning bedoeld om de jeugdige te volgen en tijdig problemen te signaleren. Bijvoorbeeld als een jeugdige na het aflopen van de behandeling een terugval heeft en er is behoefte aan kortdurend contact met de 'oude' behandelaar. Doel is het voorkomen van stagnatie/terugval in de ontwikkeling.
• Dit product wordt ingezet op verzoek van de jeugdige of het betrokken netwerk.
• De inzet heeft - in relatie tot de afsluiting de afsluiting van een behandeltraject -een maximumduur van 6 uur per jaar.
Consultatie C is qua inhoudt hetzelfde als Consultatie B. Het verschil zit hem echter in het opleidingsniveau van de werkzame professionals. Bij Consultatie B is dat WO, bij Consultatie C is dat WO+ of Wo++.
4.12 Consultatie D
Dit product kan ingezet worden:
• Ter ondersteuning van een bestaand(e) traject/behandeling van een jeugdige bij een andere aanbieder of rechtstreeks vanuit het lokale team. Deze jeugdhulpverlener is nog niet bij de jeugdige betrokken en heeft dus geen toewijzing voor het leveren van behandeling aan de betreffende jeugdige.
• Bij intensieve jeugdhulp interventies (consultatie of advisering, diagnose, medicatie-beoordeling of korte behandeling) uitgevoerd door een jeugdpsychiater, voor de zorgvraag van de jeugdige die behandeld wordt door een behandelaar van de eigen organisatie die de productcodes hanteert die vallen onder de J&O-systematiek. Er moet sprake zijn van medicatiebeoordeling of een vermoeden van psychiatrisch gedrag.
• Na afsluiting van het behandeltraject waarbij de consultatie D uitsluitend is gericht op controle bij farmaceutische behandeling (medicatie).
• De consultatie D heeft - in relatie tot de afsluiting van een behandeltraject - een maximumduur van 6 uur per jaar.
4.13 Buitenschoolse opvang plus (BSO+)
Doelstelling
• Het bieden van activiteiten gericht op bevordering, het behoud of compensatie van de zelfredzaamheid, die strekken tot voorkoming van opname in een instelling of verwaarlozing.
• Ondersteunen bij beperkingen op het vlak van zelfregie over het dagelijks leven, waaronder begeleiding bij tekortschietende vaardigheden in zelfregelend vermogen.
• Begeleiden bij het toepassen en inslijpen van aangeleerde vaardigheden en gedrag in het dagelijks leven door herhaling en methodische interventie.
• Het leren van elkaar in groepsverband: omgaan met andere kinderen, leren spelen, leren omgaan met gedragsregels.
• Het is belangrijk om in het ontwikkelingsplan van iedere jeugdige de doelen expliciet te beschrijven.
Omschrijving
Buitenschoolse opvang (BSO) is een verzamelnaam voor alle professionele kinderopvang voor schoolgaande kinderen buiten schooltijden. De BSO wordt gezien als vrije tijd en wordt daarom vooral gekenmerkt door het aanbieden van activiteiten. Het moet mogelijk zijn om kinderen die vanwege ontwikkelingsproblemen, sociaal-emotionele problemen, verstandelijke beperking of opvoedingsproblemen niet geplaatst worden binnen een reguliere BSO ook gebruik te laten maken van BSO. Als een jeugdige in de leeftijd van 4-12 jaar behoefte heeft aan extra ondersteuning, dan is het aan het wijkteam om dit vast te stellen. De extra ondersteuning kan ingezet worden in de vorm van BSO+.
Op de reguliere BSO worden de ondersteunings/begeleidingsvragen zo veel mogelijk opgepakt. Daarmee is er, waar haalbaar, minder instroom richting de BSO+. De reguliere BSO wordt dus meer voorliggend ingezet. Ieder kind krijgt, wanneer haalbaar, de passende hulp op een reguliere opvanglocatie.
Doelgroep
Voor jeugdigen van 4 tot 12 jaar die naast de reguliere naschoolse opvang een extra hulpvraag voor ondersteuning hebben. De jeugdige heeft ondersteuning nodig voor het behouden van regie, of versterken van de regie of regieverlies tegen te gaan.
Voorliggend
Er wordt in alle gevallen gekeken of er geen andere duurzame oplossingen mogelijk zijn binnen het netwerk van de cliënt. Pas als dit echt niet voor handen is en/of onvoldoende effect heeft, kan gekozen worden voor een vorm van opvang buitenshuis (naschoolse opvang). Dit geldt zeker voor trajecten die langer duren dan 2 jaar. Voorliggend zijn steungezinnen, deeltijdpleegzorg, lichte ondersteuning in het gezin (klassieke gezinsverzorg(st)er), etc.
Vergoeding
De BSO+ werd voorheen volledig bekostigd vanuit de Jeugdwet, terwijl een opvangvraag reden is voor ouders om deze hulp aan te vragen. De ouders betalen nu echter de naschoolse opvang (vanuit de wet kinderopvang) en de gemeente bekostigt de extra ondersteuningsbehoefte (vanuit de Jeugdwet): de ‘plus’. Deze ‘plus’ wordt afgegeven aan de hand van het aantal uren per dag dat de jeugdige gebruikmaakt van de naschoolse opvang. Onder BSO+ kunnen zowel begeleiding als lichtere vormen van behandeling geleverd worden.
Vervoer
Als er vervoer nodig is voor BSO+, dan is de aanbieder verantwoordelijk voor het vervoer. Meer informatie omtrent vervoer staat om bijlage 6.
Uitgangspunten
• BSO+ dient altijd gericht te zijn op zowel de jeugdige als op de ouders, omdat uiteindelijk aangeleerde vaardigheden moeten beklijven in de thuissituatie.
• BSO+ is bij voorkeur kortdurend. Als gevolg daarvan wordt elke 6 maanden geëvalueerd of de ‘plus’ nog nodig is en of alleen reguliere BSO voldoende is.
• Cliënten kunnen vanwege ontwikkelingsproblemen, sociaal-emotionele problemen, verstandelijke beperking of opvoedingsproblemen niet geplaatst worden binnen een reguliere BSO.
Kindergeneeskunde (licht en midden)
De producten die vallen onder kindergeneeskunde zijn specifiek bestemd voor organisaties die medisch specialistische zorg leveren voor jeugdigen uit de gemeente Arnhem. Hieronder vallen consulten voor diagnose en behandeling van ADHD en medicijncontrole. Onder deze zorg valt niet de verstrekking van Psychofarmaca (geneesmiddelen of medicatie) extramuraal; deze vallen niet onder de Jeugdwet, maar onder de Zorgverzekeringswet.
Het product kindergeneeskunde wordt voornamelijk ingezet door de kinderarts.
4.14 Kindergeneeskunde licht
Dit product betreft consulten voor diagnose en behandeling van ADHD en eventuele medicijncontrole uitvoeren. ADHD is een psychische stoornis die valt onder de DSM-classificatie ‘Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit’. Kenmerken zijn impulsief gedrag, concentratieproblemen, rusteloosheid en leermoeilijkheden. De symptomen beginnen in de kindertijd en werken veelal belemmerend bij het dagelijks maatschappelijk functioneren. Het somatisch onderzoek is een noodzakelijk onderdeel van het diagnostisch proces. Het doel van het somatisch onderzoek is primair het uitsluiten van een aantal somatische aandoeningen die de symptomen kunnen verklaren en het opsporen van mogelijke contra-indicaties en interferenties van medicatie.
4.15 Kindergeneeskunde midden
Consulten voor de diagnostiek en behandeling van specifiek psychiatrische stoornissen (waaronder autisme en depressie) en eventuele medicijncontrole. Onderzoek naar mogelijk lichamelijke oorzaken bij psychiatrische stoornissen. Bijvoorbeeld als een kind wordt doorverwezen naar de kinderarts met somatische klachten zoals hoofdpijn of buikpijn waar uiteindelijk een psychische oorzaak (bijvoorbeeld depressie) aan ten grondslag ligt. Uitsluiten van lichamelijke oorzaken. De behandeling of het onderzoek is kortdurend omdat het dient te worden gezien als het voortraject van onder andere een behandeling door een psychiater of een doorverwijzing naar het lokale team.