**1..** Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening of pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt.
**2..** De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of pgb, zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste het bedrag genoemd in artikel 2.1.4a, vierde lid van de wet.
**3..** In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor de volgende maatwerkvoorzieningen:
- - het gebruik van de Regiotaxi, cliënt is daarvoor een ritbijdrage verschuldigd ter hoogte van € 1,10 per zone;
- - rolstoelen, waaronder een sportrolstoel;
- - een maatwerkvoorziening voor kinderen tot 18 jaar;
- - begeleiding in geval de cliënt gebruik maakt van de opvang;
- - het gebruik van individueel taxivervoer.
**4..** In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd per bijdrageperiode door:
- - de ongehuwde cliënt die de pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt en die een bijdrageplichtig inkomen heeft van minder dan 150% van het sociaal minimum;
- - de ongehuwde cliënt die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt en die een bijdrageplichtig inkomen heeft van minder dan 150% van het sociaal minimum
- - de gehuwde cliënt die de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt en die een gezamenlijk bijdrageplichtig inkomen heeft van minder dan 150% van het sociaal minimum.
- - door de gehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, waarvan ten minste een van beiden de pensioengerechtigde leeftijd nog niet heeft bereikt.
**5..** De kostprijs van een:
- - maatwerkvoorziening is gelijk aan de prijs waarvoor de gemeente de maatwerkvoorziening afneemt van of aanschaft bij een (gecontracteerde) aanbieder, inclusief de bijkomende kosten waaronder instandhoudingskosten. De kostprijs voor diensten wordt mede gebaseerd op artikel 9.4 en 9.5 van de verordening;
- - maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woningaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling van de voorziening (bruikleen, huur, eigendom);
- - pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb;
Het college stelt de hoogte van de tarieven (kostprijs) vast in het Financieel besluit en voor zover dat niet mogelijk is in het individuele toekenningsbesluit.
**6..** In afwijking van het eerste lid bedraagt de hoogte van de bijdrage in de kosten voor beschermd wonen en opvang maximaal het bedrag berekend op basis van § 3 en § 4 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. Voor opvang kan het college nadere regels stellen over de wijze waarop de bijdrage in kosten wordt verminderd met een bedrag voor persoonlijke uitgaven met inachtneming van § 4 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015.
**7..** In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, tweede lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb vastgesteld en geïnd door de instelling die de opvang verzorgt, tenzij het college in de afspraken met de instelling of anderszins hiervan nadrukkelijk afwijkt.