De beslissing om onaangekondigd op huisbezoek te gaan wordt te allen tijde genomen door een medewerker handhaving of de leidinggevende. Als de medewerker handhaving kiest voor het uitvoeren van een (on)aangekondigd huisbezoek moet deze keuze worden onderbouwd in de rapportage. De medewerker handhaving is altijd aanwezig tijdens een (on)aangekondigd huisbezoek als dit controle instrument wordt ingezet. Een medewerker van de afdeling klantcontacten of, in bijzondere omstandigheden, een medewerker van een andere afdeling kan hier bij aanwezig zijn.
Het huisbezoek wordt afgelegd door twee medewerkers.
Het huisbezoek vindt altijd alleen met reden omkleed (on)aangekondigd plaats.
Het huisbezoek vindt bij voorkeur overdag plaats tijdens kantooruren. Afwijking hiervan is mogelijk indien daartoe specifiek aanleiding aanwezig is. Hiervoor dient overleg plaats te vinden met de leidinggevende, om eventuele veiligheidsmaatregelen te kunnen treffen. De medewerker vermeld ook naderhand in het verslag/rapportage als hij buiten de kantooruren op bezoek is geweest en als dat kan waarom dat zo is geweest.
Als er voorafgaand aan een mogelijk huisbezoek eerst een gesprek wordt gepland op het stadhuis, dan wordt in de uitnodiging aangegeven hoeveel tijd betrokkene moet reserveren voor de afspraak. Anders is het risico dat een huisbezoek direct na het gesprek niet mogelijk is, omdat betrokkene al een andere afspraak heeft gepland.
De medewerker:
stelt zich correct en zakelijk op. Hij benadert de betrokkene met respect, kortom op een manier zoals hij zelf in vergelijkbare omstandigheden zou willen worden behandeld.
legitimeert zich direct en ongevraagd en verklaart dat hij medewerker van de gemeente Meppel is. Dit geldt voor alle aanwezige medewerkers.
deelt de aanleiding, het doel van de komst mee.
legt uit dat betrokkene niet verplicht is om medewerking te verlenen aan het huisbezoek.
vertelt welke consequenties het weigeren van huisbezoek voor de betrokkene kan hebben. Hij geeft de betrokkene de ruimte om hierover vragen te stellen.
probeert vast te stellen of alles duidelijk is, maar vermijdt de discussie.
vraagt of hij mag binnen komen.
treedt nooit tegen de wil van de bewoner de woning binnen.
geeft aan dat deze toestemming tijdens het bezoek mag worden ingetrokken.
vraagt naar de reden waarom de betrokkene weigert om te kunnen bepalen of dat wellicht een geldige dringende reden is.
wijst de betrokkene nogmaals op de eventuele gevolgen voor het recht op uitkering/ de voorziening als toestemming wordt geweigerd/ingetrokken en legt een hersteltermijn op.
verlaat de woning als de toestemming wordt geweigerd of ingetrokken.
houdt de grenzen van zijn bevoegdheden in de gaten. Hij beperkt zich tijdens het huisbezoek tot datgene wat relevant is voor het onderzoek.
opent zelf nooit deuren en kasten maar vraagt de betrokkene deze handelingen te verrichten, of biedt dit aan als betrokkene dit zelf niet kan vanwege en handicap. Hij opent zelf geen documenten maar vraagt de betrokkene inzage te verlenen.
stelt alleen vragen die relevant en redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor het onderzoek.
legt uit waarom hij een vraag stelt.
geeft de betrokkene aan het einde van het huisbezoek de ruimte om nog vragen te stellen en vraagt tenslotte of alles duidelijk is.
Legt alles vast in een formulier verklaring gesprek huisbezoek. In dit formulier worden naast de objectieve bevindingen ook het nummer en het soort legitimatiebewijs vastgelegd. Daarnaast staan er in het formulier de naam, geboortedatum, eventueel cliënt nummer bij de gemeente, het volledige adres.:
Leest het verslag van bevindingen voor en vraagt om een handtekening.
Vraagt wat de reden is als betrokkene weigert te tekenen.
Legt bij het einde van het huisbezoek uit hoe het vervolg van de procedure is en dat inzage in het dossier op een later moment is toegestaan.
geeft een kaartje af met contactgegevens er op van de gemeente Meppel. Hierop staan niet de persoonlijke gegevens van de medewerkers.
Artikel 2