Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 16

Saldo- en liquiditeitenbeheer

Onderdeel van Treasurystatuut Leidschendam-Voorburg 2020

Voor het saldobeheer en het liquiditeitenbeheer gelden de volgende specifieke richtlijnen: De gemeente streeft naar concentratie van de liquiditeiten binnen één rentecompensatiecircuit bij de bank met de gunstigste condities welke voldoet aan de in artikel 14 lid 2 en 14 lid 3 gestelde eisen. Indien er een liquiditeitsbehoefte ontstaat kan de gemeente kortlopende middelen aantrekken. Hierbij wordt -conform artikel 4 lid 1- de kasgeldlimiet niet overschreden. Bij het aantrekken van gelden voor een periode tot één jaar gelden de volgende doelstellingen: Het zorgdragen voor voldoende dispositieruimte op de transactiebankrekening om te garanderen dat de organisatie haar korte termijn verplichtingen structureel kan nakomen. Het voorzien in de huidige en toekomstige financieringsbehoefte tegen zo laag mogelijke kosten, gegeven de kredietwaardigheid van de Gemeente Leidschendam-Voorburg. Het aantrekken van vreemd vermogen tegen aanvaardbare condities. Toegestane instrumenten bij het aantrekken van kortlopende middelen zijn daggeld, kasgeldleningen en kredietlimiet op rekening courant. Het is niet toegestaan om middelen aan te trekken enkel met doel deze middelen uit te zetten teneinde een hoger rendement te verkrijgen. De gemeente vraagt bij ten minste 2 financiële instellingen of toegestane tussenpersonen een offerte op alvorens middelen worden aangetrokken of uitgezet met een looptijd korter dan één jaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel